In en om Assen





Bouwstijlen Assen Oud-Zuid


Bronvermelding:
'Assen Oud-Zuid'. De teksten werden geschreven door Jan Battjes (stedebouw) en Johan Kruiger (architectuur).. Tekstbijdragen kwamen van Michiel Gerding en Peter Zweegers. Samenstelling: Comité Open Monumentendag Assen (Jan Battjes, Fred van den Beemt, Bertus Boivin, Jan Ennik, Michiel Gerding, Joke Klosters, Jan Lagendijk, Henk Specht (t), Arnold den Teuling en Peter Zweegers) Eindredactie: Bertus Boivin (in samenwerking met Joke Klosters). © 1990 Comité Open Monumentendag Assen


Stijlvarianten

In een restaurant in de Achterhoek kun je een gerecht eten met de naam Hutsekluts. Het gerecht heet zo, omdat het bestaat uit restanten van voorgaande dagen. Dat klinkt niet geweldig lekker, maar toch is het erg smakelijk. Restjes van exquise gerechten geven tesamen een heel eigen en boeiende smaak. Zo is het eigenlijk ook met Assen Oud-Zuid. De rijke variëteit aan bouwstijlen en stijlvarianten geeft het totale gebied het karakter van een aantrekkelijke, gedeeltelijk villaachtige woonwijk. Een inventarisatie van de jongere bouwkunst en stedebouw, oftewel het Monumenten Inventarisatie Project, uitgevoerd door de Provincie Drenthe heeft dat onderkend en daarom Assen Oud-Zuid aangewezen tot een gebied van bijzondere waarde. Veel van de gebouwen vertonen kenmerken van verschillende bouwstijlen en zijn als zodanig niet onder één stijlnaam te vangen. Om toch een indicatie te geven van de bouwstijlen die in dit gebied voorkomen, zullen we enkele voorbeelden met wat extra aandacht behandelen. U zult merken dat u in de hele wijk elementen ervan kunt terugvinden bij de overige bebouwing.


Beilerstraat 30; - Neo Renaissancisme - (foto Sietse Kooistra)


Neo Renaissancisme

Het oude gedeelte van de Scholengemeenschap 'Dag Hammerskjöld' is een goed voorbeeld van de Neo Renaissancistische invloed. De school, vroeger de Rijks HBS, werd in 1867 gebouwd door H.C. Winters. Geheel stijlzuiver is Winters niet te werk gegaan, want feitelijk maakt hij ook gebruik van de Neo Classicistische vormentaal. U ziet dat aan de geleding van de voorgevel met gemetselde lisenen (dat zijn de iets uitspringende delen), de natuurstenen basis en het toepassen van een fronton boven de daklijst. Toch overheersen de Neo Renaissancistische vormen in de voorgevel. Dat wordt voornamelijk veroorzaakt door het zware pleisterwerk rond de vensters. Boven de vensters zijn karakteristieke ornamenten, kuifstukken, aangebracht. Ook de zwaar aangezette deuromlijsting over twee verdiepingen past binnen dit beeld.


Beilerstraat 41 ('Oakland') - Electicisme - (foto MIP provincie Drenthe)


Eclecticisme

Halverwege de 19e eeuw komt er een stroming in de architectuur opzetten die gebruik maakt van verschillende bouwstijlen. De benaming voor deze stroming is Eclecticisme dat afstamt van het Griekse werkwoord 'eklegein' dat uitkiezen betekent. Motieven uit de Romaanse, Renaissancistische, Classicistische en Barokke architectuur worden met elkaar gecombineerd. Het streven is niet zozeer gericht op een nieuwe stijl als wel op een harmonisch ontwerp. Het pand Beilerstraat 41 - eens het huis van dr. Hartogh Heijs van Zouteveen - is daarvan een voorbeeld. De opbouw van de voorgevel is verwant aan het Neo Classicisme door zijn lisenen en het vooruitspringende middengedeelte. Daarbij passend is de verkropte kroonlijst, dat is de brede geprofileerde daklijst. De blokbepleistering van de gevels daarentegen komt voort uit de Renaissancistische architectuur en de vensteromlijstingen met zeer opvallende kuifstukken lijken een Barokke toepassing. In de kuifstukken zijn liggende figuren, een soort engeltjes, opgenomen die het pand een bijna even exotisch karakter geven als de tuin met zijn uitheemse boomsoorten


Beilerstraat 61 - 65 - Art Nouveau - (foto Gemeentearchief Assen)


Art Nouveau

Het tweede gedeelte van de Beilerstraat, tegenover het Asser Bos, is een typische uitbreiding van rond 1900. Veel van de huizen hier dragen kenmerken van de Art Nouveau stijl. Deze bouwstijl, overgewaaid uit België, tracht in tegenstelling tot het Eclecticisme te zoeken naar een nieuwe architectuur. Gebruik makend van nieuwe technieken en materialen komen de architecten tot opvallende bouwwerken waarbij een overdaad aan ornamenten veelal niet geschuwd wordt. De woningen 61-65, voornamelijk nog op de conventionele wijze gebouwd, laten enkele kenmerken zien. Bijvoorbeeld het in- en uitspringen van gevelvlakken en het toepassen van uitkragend metselwerk. De Art Nouveau bediende zich graag van motieven uit de natuur. Golvende lijnen en bloemmotieven komen in allerlei kunstvoorwerpen voor en zo ook hier. Onder de vensters van nr. 63 zijn prachtige geglazuurde tegeltableaus aangebracht met daarop bloemmotieven.


Wilhelminastraat 10 - 12 - Overgangsstijl - (foto Sietse Kooistra)


Overgangsstijl

De sobere baksteenarchitectuur van het gebouw der Rijkskantoren is een voorbeeld van de Overgangsstijl. Het gebouw werd in 1914 in gebruik genomen. De invloed van de rationalistische architectuur van Berlage, de belangrijkste architect uit het begin van deze eeuw, doet zich gelden. Dat is overigens niet erg verwonderlijk aangezien het gebouw is ontworpen door een rijksbouwmeester en die wisten veelal de modernste ontwikkelingen toe te passen. Toch onderscheidt het gebouw zich van een al te strak Rationalisme door de toepassing van ornamenten en accentuerende bouwmassa's. Zo zorgen natuurstenen elementen als het Bentheimer zandstenen bovenlicht boven de luifel voor een verlevendiging van het sobere metselwerk. Om de aandacht te vestigen op de hoofdentree werd een topgevel aangebracht, ingeklemd tussen twee torentjes met torenhelmen. Tevens werd een hoekverzwaring aangebracht op de hoek van de Prinses Beatrixstraat. Minder karakteristiek voor deze bouwstijl maar wel interessant is de dakbedekking met een Lucas IJsbrandspan.


Hoek Oosterhoutstraat - Parkstraat - Zakelijk Expressionisme - (foto Sietse Kooistra)


Zakelijk Expressionisme

De architectuur van de Amsterdamse School - zoals het beroemde woningcomplex De Dageraad van M. de Klerk - is bekend vanwege de vormgeving. Buiten Amsterdam werd echter veel meer in een strakkere expressieve vorm gebouwd; vandaar ook de benaming Zakelijk Expressionisme. De woningen op de hoek van de Oosterhoutstraat en de Parkstraat zijn in 1921-1922 gebouwd in opdracht van de Rijks Ambtenaren Woningbouw Stichting. De architect Yvo D. Havermans zorgde voor een ontwerp dat duidelijk inspeelt op het kruispunt. Een hoekverdraaiïng in de bouwmassa en de hoogopgaande, samengestelde mansardekappen, gedekt met een Tuile du Nord pan, zorgen voor een expressief uiterlijk. Hoewel vergelijkingen met het werk van de bekende Hilversumse architect W.M. Dudok niet voor de hand liggen, is het toch opmerkelijk dat Dudok bemoeienis met dit ontwerp heeft gehad.

Samen met twee andere architecten moest hij namelijk een advies uitbrengen over dit ontwerp. De bouw van het complex is met vele conflicten gepaard gegaan. Met de gemeente had architect Havermans onenigheid over de rooilijn en het materiaal voor de riolering. Hij wilde gresbuis gebruiken, terwijl gemeentewerken binnenshuis ijzeren buizen met asfalt bekleed verplicht stelde. Toen Havermans vervolgens niet nader omschreven 'ernstige moeilijkheden' met zijn opdrachtgevers kreeg, vertrok hij in 1920 - nog voor de bouw van het complex - naar Den Haag.


Oosterhoutstraat 9 -Traditionalisme (foto Sietse Kooistra)


Traditionalisme

Het oude gedeelte van het voormalige Wilhelmina Ziekenhuis aan de Oosterhoutstraat werd in 1930 ontworpen door de broers Jan en Theo Stuivinga. Oorspronkelijk had het gebouw een dakruiter, een toren geplaatst op de nok van het zadeldak. De architectuur van het oude gebouw vormde een aansluiting op de traditionele baksteenbouw. Dit Traditionalisme ontwikkelde zich met name rond de Delftse hoogleraar M.J. Granpré Molière zodat het ook wel de Delftse School genoemd wordt. Kenmerkend is het gebruik van de traditionele materialen als baksteen, natuursteen en de aandacht voor monumentale aspecten. Hier blijkt dat ondermeer uit de tegeltableaus in de voorgevel, de lisenen met ionische versieringen en de luifel. Ook het traditionele, hoogopgaande zadeldak is hier toegepast waarbij de dakkapellen het ritme van de traveeën accentueren. (Een travee is de afstand tussen twee steunpunten in de lengterichting van het gebouw.)


Plataanweg 3 - Kubistisch Expressionisme - (foto MIP provincie Drenthe)


Kubistisch Expressionisme

De architect J.F.A. Göbel ontwierp het pand Plataanweg 3 in 1931. Opvallend is de kubistische verdeling van bouwvolumes zoals dat ook bij het eveneens door Göbel ontworpen pand Vaart ZZ 41A is toegepast. Daarnaast is gebruik gemaakt van gewapend betonnen constructies en stalen kozijnen. Deze middelen refereren aan de architectuur van het Nieuwe Bouwen en De Stijl. Binnen deze stromingen werd door middel van nieuwe technieken, zoals het toepassen van gewapend beton en stalen kozijnen, gestreefd naar een zekere mate van abstractie in de architectuur. Logica in het ontwerp was daarbij een vereiste en dat kon zoals hier leiden tot een kubische verdeling van bouwvolumes. Door de toepassing van enkele expressief vormgegeven elementen, zoals het licht uitkragende metselwerk in de bovenhoek en het verticale accent bij de entree, is echter een verwijzing naar de expressieve architectuur van de Amsterdamse School aanwezig. Feitelijk is het ontwerp een regionale variant van deze beide stijlen dat het best met de term Kubistisch Expressionisme aangeduid kan worden.


Oosterhoutstraat 34 - 36A - Interbellum Architectuur - (foto Sietse Kooistra)


Interbellum Architectuur

Een benaming die uiteraard wat vaag lijkt, immers er is veel gebouwd tussen de beide wereldoorlogen. De aanduiding Interbellum Architectuur geeft echter aan dat de bouwwerken een aantal karakteristieke kenmerken vertonen van de bekendste bouwstijlen uit dit tijdsbestek. Zo maakte de Asser architect J.H. van Houten in dit pand gebruik van gewapend beton, stalen kozijnen en balkonhekken, elementen die ontleend zijn aan de architectuur van het Nieuwe Bouwen. Traditioneler is echter de bakstenen opbouw en de hang naar monumentaliteit. Dit wordt - behalve door een gedeeltelijke derde bouwlaag - ook bereikt door de royale, samengestelde kapvorm met overstek






© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl