In en om Assen

Erik Harteveld


“Je kunt met streektaalkunst jaren koning eenoog zijn in het land der blinden”."

Bronnen: streektaalzang.nl, De stentor, DvhN, poezieweb.nl, Schrijvers om de Noord

De EIGEN WEBSTEE van Eric Harteveld


Assen, stadsplattegrond, een gedicht van Eric Harteveld

zie hier de beelden (Productie: R&C producties)


Info op streektaalzang.nl

Erik Harteveld (Assen, 1955) woonde lang in Grolloo. Tegenwoordig woont de schrijver, dichter en zanger in het Drentse dialect in Rasquert (Gr.).
Harteveld acteerde en regisseerde. Bij het Noord Nederlands Toneel speelde hij in An 't Voetenende (1985); bij het Theater te Water in Echte Kerels (1999).

Naar aanleiding van een cabaretvoorstelling die hij samen met Roelof Pieters uitvoerde, werd Harteveld - door Marga Kool - gevraagd om een rubriek in het Drentse radioprogramma van de Regionale Omroep Noord en Oost (RONO) te maken. Hij verleende vervolgens medewerking aan radioprogramma's zoals Mandielig (1986). Later trad Erik Harteveld opnieuw voor de radio op met zijn vroegere cabaretpartner Roelof Pieters in Boenders en Bözzels (1989-1991).

Ook voor TV-Drenthe maakte Harteveld jarenlang programma's zoals Kwaanskwis (1995-1996). Hij verzorgde samen met André Buurma van 1997 tot 1998 een cursus Drents onder de naam RikRak. Andere programma's waren: De berichten (1999-2000) en Het kleine huis op de heide (2001-2002).
Met André Buurma en Wilt Stel maakte Harteveld de TV-programma's Erven Takens (2002-2003) en Show-Orkest Trio Alabama (2002-2003).

Harteveld gebruikt in zijn cabaret en proza diverse alter ego's zoals: Ab Soechies, Baas van Bambi, Dickie Dictie, Job van Job en Bea, Louis Veldkamp, Mans van de Berichten, Mans van de Scheper, Neef Stel, Onan de Batavier, Onkel Willie, Rieks Reinders, Sake Sijkinga, Thijs Takens, Vrouw Koetje en Willie Olde Wetering.
Harteveld schreef sinds 1993 tien jaar lang humoristische columns in het Nieuwsblad van het Noorden, eerst 1000 jaor Drenthe en later de rubriek Vrouw Koetje. Ook schreef hij serieuze gedichten. Harteveld is ook de stadsdichter van Assen.

Erik Harteveld is sinds 1995 leider van de dialectbluesband De Kopstrubbers.
Harteveld won de eerste prijs van de NNO-liedjesschrijfwedstrijd in 2004. Hij is verder jurylid van de Dagblad van het Noorden Streektaalprijs


Info op De Stentor; 26 maart 2004; artikel George Huisman

Streektaalavond is bijna tè Nederlands

Wat tè Nederlands. Dat was het oordeel van een aantal bezoekers van de streektaalavond, woensdag in Oldemarkt. De presentatie van de bundel met korte verhalen van Frouk Alice Weijs-Kroek uit Sint Jansklooster was een bijzonder moment, dezelfde avond.

De grote zaal van Dalzicht in Oldemarkt was behoorlijk gevuld toen IJsselacademie-directeur Jan ten Klooster de nieuwbakken streektaalconsulent Albert Bartelds van dezelfde instantie voorstelde. Deze van oorsprong uit Rouveen afkomstige Zwollenaar verzorgde de presentatie van de avond. Naast Weijs traden de Drentse schrijver/verhaalverteller/dichter Erik Harteveld en de Sallandse band Muppet Stuff op.

Laatstgenoemd drietal zorgde voor een wat te ‘Hollands‘ accent van deze avond; er staan slechts drie dialectnummers op het repertoire van de groep. En dat terwijl een nummer als ‘Alles gaat zoals het gaat‘ toch makkelijk in dialect te vertalen is... Maar hetgeen de groep voor het voetlicht bracht was licht, vrolijk en aangenaam.

Ook Harteveld wisselde ‘plat praotn‘ helaas te gauw en te gemakkelijk af met Nederlands. Jammer, want zijn alter ego ‘Vrouw koetje‘ heeft heel veel moois te vertellen, in het Drents. Hij is een man met een prachtige interactie met het publiek, ongedwongen, als zit hij met gasten om de keukentafel (…)


Dagblad van het Noorden; 13 april 2004; Artikel Bouwe van Norden

Harteveld wil 'drakerig Drents volkslied' vervangen

Erik Harteveld is componist van 'Het Nieuwe Drentse Volkslied'. Het lied is morgen voor het eerst te horen in het programma 'De Brink' van Radio Drenthe.

Ongevraagd heeft kunstenaar Erik Harteveld een nieuw Drents volkslied geschreven. De in Rasquert op de Groninger klei wonende en in Drenthe geboren muzikant, (tekst-)schrijver, filmregisseur en radiomaker opende uit onvrede over het naar zijn mening duffe bestaande volksdeuntje van Uilenberg - Ik heb u lief mijn heerlijk landje - onlangs spontaan zijn dichtader. Een sober lied vloeide er uit, over de Drent en zijn geboortegrond. En ook nog eens helemaal in het Drents.

De hymne beleeft morgen zijn primeur. Harteveld kondigt aan dat zijn lied dan tussen 10.00 en 12.00 uur te horen is in het programma De Brink van Radio Drenthe. Daarvoor maakt hij wekelijks een liedje. Meestal is dat nogal ironisch. Nu valt er niet zoveel te lachen. Hartevelds volkslied is 'min of meer serieus bedoeld'. "Het heeft alle elementen die een volkslied in zich moet hebben. Het Ontstaan, de Trots en speciaal voor de Drenten: de berusting. Het is het simpele verhaal van een simpel volk."

De drang Het Nieuwe Drentse Volkslied te schrijven, maakte zich van Harteveld meester tijdens een tournee met het Noord-Nederlands Orkest. Het ging om een liedjeswedstrijd waaraan Groningen, Friesland en Drenthe deelnamen. In Groningen en Friesland begon het concert met de provinciale volksliederen, in Drenthe bleef dat ritueel uit. "Dat stak mij bijzonder", meldt Harteveld. Al speet het hem niet dat het lied van Uilenberg niet werd gespeeld. Een man die volgens hem 'niet helemaal oké was in de oorlog' en bovendien een mislukte tekst heeft afgescheiden.

"Ik ben helemaal niet zo erg voor de volksliederen, maar als er niet te veel onzin in staat, kunnen ze toch dienen om enigszins een gevoel van saamhorigheid te geven", meent Harteveld. Hij zou voor zijn lied wel een mooi arrangement willen laten maken voor harmonieorkest, maar dat kost ongeveer vijfhonderd euro. Een bedrag dat de kunstenaar er zelf niet aan wil besteden. Dat laat hij graag aan anderen over. Belangstellenden kunnen zich bij hem melden. De kunstenaar hoopt dat de muziekverenigingen de partituur van zijn hymne straks voor een bescheiden bedrag kunnen aanschaffen.

Harteveld: "Als er geen belangstelling voor is, dan zal Drenthe moeten doorploeteren met het drakerige lied van Uilenberg. Maar misschien vinden de Drenten het lied van mij ook maar niks. De muziek is een beetje bombastisch, maar met een goede arrangeur en een betere zanger dan ikzelf, kan het wel mooi worden..."


Het nieuwe Drentse Volkslied

Woest was de eerde, stil was het laand
Gien sporen in Drenthe van mensenhaand
De laandschöp was ledig, de heide lag braok
Gien doel nog veur ogen, gien enkele taok

Moor dan slaot het ies, oet het Noorden geschoven,
Met stienen en grind alles understeboven
Het trök diepe voren, het groefde het zaand
En stuwde tot heuvels het girrelig zaand

Zo bent ok de Drenten gestaodig untstaon
Stark deur de stried um armzaolig bestaon
Maor de tied trök ok sporen in heur trots gelaot
Zoas steeds de akker de ploeger verraodt

In simpele woorden döt de Drent zien verhaol
Zoes 't laand en de mens is, zo is ok zien taol
Het laand is veur eeuwig, de mens giet veurbij
Dan zwiegt weer de boswal, de es en ok wij...


Reactie op het nieuwe Drentse Volkslied; NvhN; 21 april 2004

Nieuwe lied lijkt treurmars.

Laten wij alstublieft ons oude vertrouwde blije Drenthelied houden. Het nieuwe lied lijkt wel een treurmars. In dit lied zie je geen bloeiende heide en glooiende beeklandschappen etc. voor je.

Rolde, J. van der Scheer-Scheper


Info DvhN; 27 januari 2007

Het dagboek van Erik Harteveld

Schrijver, zanger, dichter, columnist (om maar een paar van zijn activiteiten te noemen) Erik Harteveld uit Rasquert schrijft het dagboek. Donderdag was het nationale gedichtendag, maar de stadsdichter van Assen had afspraken in een andere stad.

Zaterdag 20 januari
Vanavond in vijf restaurants opgetreden in Beilen. We hadden een akoestisch trio uit de Kopstrubbers geformeerd met gitaar, contrabas en cajon. Dit alles ter gelegenheid van het Winterwende Festival. Een cajon is een houten kist waar snare- en basgeluiden uitkomen als je erop slaat. In Beilen nog niet zo bekend, want iedereen zat te loeren waar het drumgeluid vandaan kwam. We zagen nog een staartje van het optreden van Margaretha Kleine, een rijzende ster in de Drentse streektaalmuziek.

Ze maakt een verlegen en tegelijkertijd een sterk onafhankelijke indruk. Dat is een unieke combinatie. Ze zingt prima. Ik zou graag eens een liedje voor haar schrijven. Van de weeromstuit met bassist Hans Lass bij mij thuis een pyjamaparty gehouden met veel bier. Tot 10 voor 7 's ochtends muziek-dvd's bekeken van Jaco Pastorius en Buddy Guy. Pastorius kent geen enkele technische belemmering op zijn bas. Buddy Guy kent er vele, maar verzint geniale loopjes op de gitaar en zingt als een zwarte God. Zodoende kregen we buitengewoon veel medelijden met onszelf.

Zondag
Vorst na de Winterwende. Een verloren dag met hoofdpijn. 's Nachts wel de snookerfinale tussen Ronnie O'Sullivan en een 19-jarige dikke Chinees. Alweer geen enkele technische belemmering. Het wordt steeds beroerder. De Chinees moest huilen. O'Sullivan kuste hem op zijn hoofd omdat hij vroeger zelf ook zo was. Een genie zonder ervaring of berekening.

Maandag
Kreeg vandaag een fotoboek uit Praag opgestuurd van bevriende fotograaf Jirka Stach. Hij maakt foto's die zowel humoristisch als verontrustend zijn. Bijvoorbeeld een venkel in sepiakleuren die precies lijkt op een ruimtevaartuig van een buitenaardse beschaving. Mijn vriend Bronsema stuurde mij het boek. We kennen elkaar allemaal van voor de Revolutie.

Bronsema studeerde vroeger in Groningen sociologie bij Pim Fortuyn. Hij deed eens examen bij hem thuis. Fortuyn ging voor het raam staan dat uitkeek op de Sociale Dienst en sprak de historische woorden: Daar staan de werkelozen weer uit de Staatsruif te graaien! Fortuyn was extreem dominant, ijdel, egocentrisch, ambitieus en welbespraakt. Het Volk verwart dit met charisma. Nu is het een dode Held.

Dinsdag
Gedubd of ik een stadsgedicht zou schrijven voor de vermoorde Armeense journalist Hrant Dink. In Assen is een monument voor de Armeniërs. Het is door een toevallig misverstand ontstaan, zoals zoveel in Assen. Armeniërs zijn buitengewoon muzikaal en gastvrij. Nederlanders zijn onbeholpen boeren bij hen vergeleken. Bier en blokjes kaas met vlaggetjes en tobbedansen. Verder gaat hier al het eigene verloren.

Ik raakte ontroerd door de toespraak van de vrouw van Dink waarin ze zei dat zijn moordenaar ooit een pasgeboren baby is geweest. Daar is niet tegenaan te dichten. Alweer een dode Held. Er zijn maar weinig levende Helden. Een enkele brandweerman en mijn vrouw die eens een hond vanonder dun ijs redde.
Vandaag rollenspelen gedaan voor een sollicitatieprocedure in Groningen.

Woensdag
De wekelijkse column geschreven en opgenomen voor radio Drenthe. Die schrijf ik onder de naam Vrouw Koetje. Ze heeft 10 jaar lang elke week in het Nieuwsblad gestaan, maar de column is jammerlijk gesneuveld bij de reorganisatie. Vrouw Koetje meldt deze week dat ze het "Derde Oog" heeft en in de toekomst kan kijken. Ze voorspelt een Grote Oorlog met wonder en geweld. Echter zal deze Oorlog verloren worden!
Ook humoristisch en verontrustend tegelijk.

Donderdag
Vandaag is het Nationale Gedichtendag. Het thema is iets met stilte en eenvoud. Poëzie raakt steeds meer in de mode. De mensen zoeken sinds het opheffen van de verzuiling amechtig naar simpele antwoorden op moeilijke vragen. Die zijn er niet. Ik moest wegens alle commotie over het vermoorde meisje uit 2e Mond denken aan Dostojevskij. Naar aanleidingvan een beestachtige moord op een kind, houdt Iwan zijn broer Aljosja voor dat als God niet bestaat, dat dan alles mogelijk is.

Deze regel wordt de laatste tijd veel geciteerd. Afhankelijk van welke krant je leest. Als Hij wel bestaat is kennelijk ook van alles mogelijk. Als je in Nieuw-Buinen woont is je leven ook lelijk vergald.Vroeger ook al zo met die clown uit Pekela. En sekskelders in Emmercompascuum.

Vanavond naar boekhandel Godert Walter in Groningen voor een streektaalvoordracht. Was het meest onder de indruk van Melle Hijlkema, bijgenaamd 'het Beest van het Westerkwartier'. Hij schrijft granieten gedichten en heeft een overrompelende voordracht.
De Kleine Uil presenteerde een bundel met gedichten uit het Nedersaksisch taalgebied. Niet iedereen die wat betekent staat erin, maar ik wel.

Vrijdag
Vandaag komt mijn slimme zwager om 391 problemen die we met de computer hebben op te lossen!


Monument "De Haar". 15 September 2006


Info op DvhN; 23 juni 2008; artikel van Bouwe van Norden. Interview met Erik Harteveld over dichten in het Nederlands

'Sommige gedichten zijn in het Drents beter'

Multitalent Erik Harteveld (53) slaat zijn vleugels uit. De noordelijke streektaalschrijver, dichter, columnist, presentator, zanger, filmer en acteur wil weten of zijn werk ook landelijk de toets de kritiek kan doorstaan. Daarom heeft hij zijn eerste Nederlandstalige dichtbundel uitgebracht: 'De eeuwig zoemende vliegenstrip'.

Moet dat nu, zo'n Nederlandse dichtbundel?
"Wat ik enigszins gekscherend tegen mijn kameraden zeg, is dat ik al jaren in de regionale competitie voetbal en nu wel eens wil promoveren naar de landelijke competitie. Ik wil ook - dat bedoel ik niet denigrerend - ontsnappen aan het 'getto'. Het is gewoon zo dat ik ergens in zit waar ik nu uit wil. je kunt met streektaalkunst jaren koning eenoog zijn in het land der blinden. Toch wil dat nog niet zeggen dat je niet scheel of blind bent in het land der zienden. Die vraag houdt iedere artiest bezig, die actief is in de regio."

Is zo'n poging het landelijke podium te bestormen niet riskant?
"Door de stap te wagen naar het landelijke podium neem je een risico. Van de comfortabele positie van een in kleine kring gerenommeerd dichter/muzikant word ik ineens weer 'debutant'. Als de landelijke kranten schrijven over mijn nieuwste gedichten, zullen ze het hebben over de 'debuutbundel' van Erik Harteveld."

Wordt het er beter van, Harteveld in het Nederlands?
"De charme, authenticiteit en het karige, betekenisvolle van het Drents. zijn deels verloren gegaan in het Nederlands, dat kan ik niet ontkennen. Sommige van mijn gedichten zijn in het Drents beter (voor de Nederlandse bundel vertaalde Harteveld ook enkele eerder geschreven verzen, red.). Niet één gedicht is overigens beter in het Nederlands, maar ze zijn allemaal wel voor een groter publiek toegankelijk. En daar gaat het nu om."

Laatje dat 'charmante' Drents nu helemaal achter je?
"Nee. Ik zou het mooi vinden als ik in de toekomst ook Drentse gedichten kan voordragen op landelijke podia. Omdat te bereiken moet ik Nederlandse versies van mijn verzen inzetten. Via het Drents zal ik er nooit in slagen rechtstreeks aan het hele land te laten horen hoe mooi die streektaal is. Ik stop ook niet met schrijven in het Drents. Al werk ik nu wel aan een Nederlandse roman over gefnuikte hoop op een betere toekomst en aan een toneelstuk."

Waarom wil je landelijk doorbreken?
'Mijn grootste angst is dat ik pas na mijn dood beroemd zal worden. Die kans bestaat! Ik hoop niet dat het zo gaat, maar dat is wel de gewone loop der dingen. Een gang van zaken, die ik niet echt rechtvaardig vind. Als mijn werk pas na mijn overlijden werkelijk bekend wordt (zoals dat van Ede Staal), dan kom ik terug en zal mijn wraakzucht enorm zijn. Toch is er nog een groter doemscenario denkbaar, namelijk dat ik ook na mijn dood niet bekend word. Dan keer ik helemaal niet naar dit leven terug en blijf ik daar lekker zitten."

Wil je iets uitdragen bij het schrijven en dichten?
"Ik ben een dominee zonder geloof. Het belangrijkste vind ik dat mensen te allen tijde onafhankelijk denken en zich niet laten ringeloren door conventies die hun waarde niet hebben bewezen. Het ergert mij hoe de mens tegenwoordig door de reclame een richting op wordt geduwd. Zoals de vrouw in die reclamespot, die haar gewone luchtverfrisser snel uit de vensterbank haalt als er bezoek komt. Zij schaamt zich ervoor dat zij nog geen elektrische luchtverfrisser heeft met vier chemische geuren naar keuze.

De behoefte aan zo'n ding is er helemaal niet, die wordt de mensen opgedrongen. Een flink aantal van de miljoenen consumenten die naar die reclame kijken, koopt zo'n ding. Het komt niet eens meer bij ze op dat je het huis ook kunt opfrissen door de ramen open te gooien, een bos bloemen op tafel te zetten en te boenen met groene zeep. Wanneer mensen in het vervolg weigeren aan de eisen van de reclame te voldoen, zouden ze een hoop tijd overhouden om niet ongelukkig te zijn."


Boek

'De eeuwig zoemende vliegenstrip' ,van Erik Harteveld is uitgegeven door de Kleine Uil. Prijs: €12.50 (48 blz).

Overige publicaties:

"Hoss is dood" (gedichten, 1995)
"Veur de ewigheid...Vrouw Koetje vertelt" (verzamelde columns, 2002)
"Kriet op tied" (toneelstuk)
"Breien veur Burundi" (toneelstuk)

Samen met anderen:

"Nije oogst" (2007)


Info op poezieweb.nl

Stadsdichter van Assen

De recente poezie van Harteveld zoals verschenen op dit  poezieweb getuigd van een groot inlevingsvermogen in de wereld van het hiernumaals, het hierbijtijds en vooral het hierendaarmogelijke. Dit talent tot inleving treft men ook aan bij een dichter als Komrij die daardoor in staat is gebleken de mooiste bloemlezingen ter wereld samen te stellen.

Harteveld is daarbij een dichter van formaat die zich in zijn gedichten pas op het laatste moment bloot geeft. De lezer wordt vanaf de eerste regel meegesleept in een dwingend visioen van aan de herinnering onttrokken geheugenmomenten die geplaatst in een fel realistich kader uiteindelijk uitmonden in een grandioos gebaar van universele argeloosheid betreffende het menselijke Zijn en het ogenschijnlijke Weten.


Dichtkunst is formeel niet alleen een kwestie van taal, een zogeheten leesbeurt, maar ook van muziek, van melodie en ritme. Erik Harteveld is in dat aspect een echt grote naam. Je merkt in zijn gedichten de vloeibaarheid van de muzikale verteller die zijn emoties als akkoorden weet om te buigen naar het juiste gehoor op de juiste plaats.

Het is dan ook terecht dat Erik Harteveld als dichter en als muziekperformer ruime bekendheid verdient. Met name zijn aandeel in bijvoorbeld de muziekgroep de ’Kopstubbers’ is fenomenaal. Luister eens naar een nummer als ’Snel as de Wiend’ waarbij taal en muziek, poezie en blues, een ongekend samenspel aangaan van letterlijke dreiging en vergankelijke melancholie. Erik Harteveld is een dichter die aantoont dat er altijd vluchtwegen zijn, maar dat je ze mogelijk niet eens nodig hebt (bent).

de redactie

LENINGRAD

Leningrad, oh, mooie stad
van parken en paleizen
en grachten waardoorheen
verlichte gondels reizen
Leningrad, oh, fijne stad
met bruisende rivieren
musea met daarin
de opgezette dieren
Op de terrasjes is het leven
steeds een vrolijk feest
Leningrad, oh, mooie stad
ik ben er nooit geweest

Erik Harteveld

FLORENCE

Florence is par exellence
een middeleeuwse stad
met parken en paleizen
De scheve toren ziet men
op de brink majestueus verrijzen
Bij uitstek is de metropool
een plaats van vreugde en van jool
De Spaanse schonen op het strand
de waaiers losjes in de hand
De vissers ledigen hun netten
en klepperen met castagnetten
Florence is één groot feest
Helaas, ik ben er nooit geweest.

Erik Harteveld

PRAAG

Praag, wie zou niet graag
die mooie stad bezoeken
met prachtige vioolmuziek
en stalletjes met boeken
Het is de parel van de Oriënt
We zijn zo blij dat je er bent
De raderboot doorkruist amechtig
en toetert voor de bruggen plechtig
alsof ’t de Pragenezen zeggen wil
De duiven zijn vandaag zo stil
Traag sist de stoom
uit talloos Turkse baden
Ook buiten is het 40 graden
en door de steegjes hollen stieren
Er is in Praag weer wat te vieren
Het is er immers altijd feest
Ach, Praag, ik ben er nooit geweest.

Erik Harteveld

ASSEN

O, parel van het hoge Noorden
voor uw schoonheid
zijn geen woorden
De geur van duizenden cipressen
en ouzo om de dorst te lessen.
Het park met beeldengalerijen
de kleine keuterboerderijen
Aan de einder gloren de plantages
van suikerriet en pruimtabak
De koetsen staan tot zondag in garages
onder het goudbedekte dak
Als het volk ter kerke gaat
en de geplaveide straat de tonnen
torst van 100 Friese paarden
O, land van frisse zwarte aarde,
van u houd ik het meest.
Ik ben er echter nooit geweest…

Erik Harteveld


Info op Schrijvers om de Noord

Radiocolumn 1 van Erik Harteveld

Ik heb mij een mooi boek anschaft. Het is de Bloemlezing van de Drentse Schrieverij 1837 tot 2003: Scheupers van de taol. Herders van de taal. Hoeders! Hoed u voor namaak! Nuumde Jozef Stalin zien schrievers nog: de Ingenieurs van de Ziel, in Drente bent de schrievers - herders en herderinnetjes.

Pastorale romantiek. Jonges, ik was veul liever een ingenieur. Dan kun ik met ingenieuze bouwwarken met zwaore betonnen fundamenten een monument oprichten veur de drentse ziel. Een Toren zul ik bouwen, hoger dan het Empire State building, verstaonbaor as de toren van Babel, deurzichtig as de Eiffeltoren, unkwetsbaorder as de Twin Towers!

Unbeweeglijker as de Erasmusbrug, massief as het drentse hunnebed. Jammer. De drentse schrievers bint gien ingenieurs van de ziel. Het bint herders. Bij de ingenieur van de ziel heurt een volk en bij de herder van de taol heurt een kudde. En ik huuf jullie niet het verscheel oet te leggen tussen een volk en een kudde. Jullie waoren ok liever een volk.

Maor dan zunder Jozef Stalin vanzölfs. Het leuke van het boek Scheupers van de Taol is dat d'r een underscheid maokt wordt tussen verschillende generaties schrievers. Ik mag jullie wel verklappen dat ik zölf heur bij de zeuvende generaotsie. De zeuvende dags adventisten. En Uw pen zal vrucht draogen tot in het zevende geslacht! Dan holdt het wel zu'n beetie op.

Nou wil ik jullie wel verklappen dat ik as architect van de drentse ziel 48 jaor old ben. Dat maokt mij de jongste schriever van enig belang. Moej naogaon! De rest is older of dood. Roessingh, Naarding, Reyntjes, Heytingh, allemaol dood. Boerema, Kool, Nijenhuus, Siebering, Veenstra, allemaol older. En wel zo old dat d'r gien neie impulsen oetkomt veur de drentse schrieverij. De jongens van mien generaotsie huuf ie ok niet veul meer van te verwachten.

Martin Koster, Jan Veenstra, Lukas Koops, Suze Sanders, Gerard Stout, Harteveld. Allen varieert ze op een thema dat al oetentreure bekend is. Net as Reyntjes dat deed, Kool dat döt en ik ok. Elkenien dreit in zien eigen kringegie rond. Het kringegie van zelfbedachte of gejatte metaforen, baseerd op nostalgie, gemis en vertrouwd vocabulair. Stilstaond brak waoter. Een sloot die niet geschouwd is.

Een pak vla dat al maonden in de koelkast stiet, rimpelige appels in de kelder, een bescharmde grafheuvel, reumatische violisten, pianostemmers die maor ien deuntje kunt, impotente loverboys, tennissers met een holten racket, conducteurs zunder fluit, jichtige timmerlieden. Dit is het lot van een generaotsie. Dat is ok jullie lot, het lot van de lezers en de luusteraors.

De scheupers van de taol kunt allent nog opbewaoren. Opschonen is d'r niet meer bij. Is dat de schuld van de in zukzulf gekeerde hooghartige schrieversgeslachten? Is het de schuld van de lezers die allent wult eten wat ze kent, is het de schuld van de hooghartige politiek, is het de schuld van een provincie zunder elan. Zinloze retorische vraogen. Nee, het is de schuld van de tied.

De tied die ungemarkt beweegt. Die traog dichterbij komt. In het begun staot wij middenin de tied met blozende wangen en krachtige stem. Met scharpe pen en arendsogen. In het oog van de orkaon. Het epicentrum van de eerdbeving met zicht op de horizun. En dan opeens bint wij achterhaold.

De tied hef oes te pakken. Wij ziet allent nog de achterlichten. Wij hebt het er toe daon. Wij verlangt naor vrogger en hold oes in de maolstroom staonde met heimwee en wieze raod. Betere tieden ligt niet meer in de toekomst, maor achter ons. Zo giet het met de scheupers van de taol. De kudde graost blaotend wieder.



© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl