In en om Assen




Marga Kool


Foto © Bert Jippes


Het stormproject en waterschap

Het waterschap Reest en Wieden, de Reddingsbrigade Nederland en Luxor Theaters werken vanaf september 2009 samen aan een educatief scholierenproject over waterbeheer, rond de Nederlandse speelfilm 'De Storm'. Hiervoor hebben inmiddels ruim 5500 scholieren uit het middelbaar- en beroepsonderwijs in Drenthe en Noordwest-Overijssel 'De Storm' klassikaal bekeken in de bioscoop in  Hoogeveen, Meppel of Steenwijk.


Zie hier de aankondiging van het project door Marga Kool


Zie hier de trailer van de film ‘de Storm’


Het Drentstalig gedicht ‘Weg’ voorgedragen door Marga Kool.


Zie hier de beelden


Info op Wikipedia

Marga Kool (Beekbergen, 15 augustus 1949) is een Nederlanse schrijfster, dichteres en politica van D66. Zij is vooral bekend vanwege haar werk in het Drents maar publiceert ook in het Nederlands.
Zij bracht haar eerste kinderjaren door in Noord-Brabant en vervolgens in Twente, in het dorp Vroomshoop. Toen zij twaalf jaar oud was verhuisde het gezin naar Zuidwest-Drenthe. Zij maakte zich daar de streektaal eigen.


Literair werk

In 1969 wordt haar televisiespel Niemandsland bekroond met de hoofdprijs van een schrijfwedstrijd. Kort daarop verschijnt haar verhalenbundel Liefje, lijden heeft geen kleur.
In haar poëzie geeft Marga Kool belangrijke thema's uit haar leven weer, zoals de verhouding tussen mannen en vrouwen, moederschap, maatschappelijk engagement en de worsteling met de zegbaarheid en onzegbaarheid van dit alles in het Drents.
Haar taalgebruik geeft haar gedichten vaak iets geheimzinnigs, de thematiek is daarentegen toegankelijk en invoelbaar.


Streektaalactiviteiten

Marga Kool heeft zich in allerlei organisaties, gremia en publicaties ingezet voor de Drentse cultuur en taal. Zij maakte zich sterk voor het Drents als politieke voertaal en de erkenning van het Nedersaksisch naast het Nederlands en het Fries. Ook zette zij zich in voor minderheden en de multiculturele samenleving.


Politieke activiteiten

Naast haar werk als schrijfster is Marga Kool actief in de politiek. Zij was gemeenteraadslid, lid van de Provinciale Staten en Gedeputeerde voor D66. Thans is zij werkzaam als dijkgraaf van het waterschap Reest en Wieden.


Bibliografie

  • Niemandsland, televisiepel, 1969
  • Achter oen ogen, poëzie, 1980
  • Op-eschoond, verhalen, gedichten, liedteksten, 1983
  • Hoogspanning, Drentse en Nederlandse poëzie, 1987
  • Kleine kathedraal, Drentse en Nederlandse poëzie, 2000
  • Gezellig hè, toneelstuk
  • Samen wieder (samen met Albert Haar), taalcursusboek, 1980
  • Een kleine wereld, roman, 2006


Prijzen

  • Johanna van Burenpries (voor Nedersaksische literatuur), 1981
  • Zilveren Anjer, 1985
  • Culturele prijs van Drenthe, 1990


Info op drentsetaol.nl-

Marga Kool (1949) Schriefster van de maond april 2006

Marga Kool is in 1949 geboren in Beekbergen als Marrigje Macheltje Kool. Op 12-jaorige leeftied verhoesde zij met heur femilie naor Zuudwest-Drenthe. Daor leert zij de taol van de streek kennen. As ze een jaor of twintig is döt ze met an een schriefwedstried en wint ze de eerste pries met het tv-spel ‘Niemandsland’, dat ok op tillevisie oetzonden wordt. In 1970 wordt de verhaolenbundel ‘Liefje, lijden heeft geen kleur’ oetgeven.

Marga Kool is ambassadrice van de Drèentse cultuur in ’t algemien en van de Drèentse schrieverij in ’t biezunder; zo zuj heur in ’t kört omschrieven kunnen. De weerde van heur schrieverij hef niet allennig erkenning vonden in Drenthe, maor ok wied daorboeten. In april 2006 is de Nederlaandstaolige roman ‘Een kleine wereld’ bij oetgeverij Ambo in Amsterdam verschenen.

Marga Kool hef heur op veul gebieden inzet veur de Drèentse cultuur en taol, zoas bij Het Drentse Boek, SONT, Drentse Taol, Roet en vanzölf ok in de politiek as gemienteraodslid, staotenlid en gedippeteerde veur D66. Verhaolen en gedichten verschienen der in ’t Drèents net zowel as in ’t Hollaands. De bekendste bundels binnen: Achter oen ogen, Op-eschoond, Hoogspanning en Kleine kathedraal. De bundel ‘Achter oen ogen’ binnen aachtdoezend exemplaoren van verkocht.

Dat is slim veul veur een dichtbundel, zölfs veur een Nederlaandstaolige Baonbrekende teneeilstukken in de streektaol hef ze ok schreven zoas Gezellig hè die op ’t rippertoire steeit van Vrouwentoneel Erica. In 1981 hef ze veur heur schrieverij in ’t Nedersaksisch taolgebied de Johanna van Burenpries kregen. In 1985 kreeg ze de Zilveren Anjer en in 1990 de Culturele Pries van Drenthe. In mei 2004 hef Albert Haar in opdracht van Stichting Drentse Taol een prachtig schrieverspetret maokt van Marga Kool.

De onderwaarpen van heur poëzie geven een gooud beeld van de belangrieke momenten oet ’t leven van de Marga Kool, zoas het gevecht met macht en onmacht van de Drèentse Taol, de verholding tussen kerels en vrouwlie, het moouderschap en maotschappelijke bewogenheid. Heur gedichten binnen toouglieks raodselachtig en toegankelk. Ze bereikt der een breeid publiek met. Boetendes kan zij meraokel mooi veurdraogen. Heur prissentaotsie gef de gedichten wat extra’s.

Nao een houwlijk en het kriegen van kinder woont ze noe al weer jaoren saomen met de Drèentse schriever Jan Veenstra op ’t Hogeveine met wie ze ok wel saomen optredens verzörgt met as titel ‘Taanden van de Tied’. Geert Jan Brader zörgt dan veur de meziek.

Hieronder kuj een keur oet heur waark lezen.


Kleine vrömde

lieve kleine vrömde
die um heur hen
een huus bouwt van verlegenheid
een stukkie van mijzölf
en toch zo op heur eigen

achter de steile pony
kroept schichtige ogen vut
elke anhanklijkheid
wordt schrikkerig óf-eschud

ik kan heur niks besparen
nargens veur veilig stellen
gien slag
gien hard woord
veur eigen rèeking nemen

nog hangt mien zörg
aover heur scholder
-warme deken-

maor dizze dag
de tied veurbij
wacht heur een man
een vrouwe
een maatschappij

kom ie heur tegen
ie kunt heur maken,
breken

bin ie veurzichtig
met det bange kiend van mij

Oet: Achter oen ogen


Dit poppie

Maondenlang hef ’t ezwegen
en stille is ’t egruid
toen hef ’t van ’t leven
locht ekregen
en ’t kwaamp
en schrouwde oe integen

haandtievol compleet bestaon
daorumhen de warmte zingt,
dat drinkt en slöp
en zonder uutleg wet dat moe komp
as e röp
knoesies die heur
de melk ofdwingt

prugelie van een pond of wat
mar wonder van gewicht
daor bint achil gien woorden veur
dit poppie, dit gedicht.

Oet: Op-eschoond


De mooiste varzen

veur Roel Reijntjes

Zien olde moe, de smalle tuun, het olde huus
het dierbaorst bint de diepe dingen
die in zien taol begunt te zingen
as e op reis is tussen horizon en thuus

dat de verganklijkheid regeert mit iezern wetten:
wie longert naor grandeur van vrogger tied
en naor wat laat gelok, die pikt dat niet
die blef hum töt de dood an toe verzetten

mar as an ’t ende toch de spiegel brek
dan arft zien volk een schat van grote weerde
de mooiste varzen van een Drent op eerde
verlangen, weemoed in het hoogste lied

Oet: Kleine kathedraal


Nei-jaor

Verleuren dwarrelt zwarte kreeien
um de toren
en krast de vrogge mörgen lös
snippers papier koomt um de hoeken
van de straoten weeien
het neie jaor haalt aosem
en bevrös

ebrèuken bint de scharven van de wraak
verschèuten bint de vuren steerns
van tekört-escheuten dromen
de kwaodheid is versleept
het jaor wörde feest
het feest is um-ebracht

oens blef de schraole treust
van zute wien en zolte bonen
en in de naomiddag het kolde kuierpad
aover de nes
daor in ’t bevreuren bouwlaand
de winterrogge slöp
mar wacht

Oet: Hoogspanning


Info in de Margriet Vakantieboekenbijlage juni '06


Interview met Marga Kool

Marga Kool (1949) debuteerde in 1968 met het televisiespel Niemandsland. Daarna schreef ze veel poëzie en publiceerde ze drie gedichtenbundels. Lange tijd was ze actief als gedeputeerde voor cultuur van de provincie Drenthe. Tegenwoordig is zij dijkgraaf van het waterschap Reest en Wieda.


Hoe komt een dijkgraaf tot het schrijven van een boek?

'Ik schrijf al sinds mijn kindertijd. Toen ik in het onderwijs at en later als gedeputeerde werkte, heb ik een aantal verhalen- en gedichtenbundels gepubliceerd, en ook toneelstukken. Nadat in 1999 mijn vader was gestorven, had ik een onbedwingbare behoefte om herinneringen aan hem en mijn kindertijd vast te leggen. Al schrijvende raakte dat steeds meer vermengd met fantasie. Zo is de roman ontstaan. Als dijkgraaf heb je een drukke baan; schrijven moest vooral in de vakanties. Daarom heb ik er een paar jaar aan gewerkt.'


Een kleine wereld gaat over een jeugd op het Drentse platteland in de jaren ’50. Een tijd die vaak wordt geromantiseerd en geïdealiseerd.

'Ik heb leuke en warme herinneringen aan de vijftiger jaren, aan het gezin en de buurt waarin ik ben opgegroeid. Maar natuurlijk was het niet alleen maar leuk. Mensen werkten zich letterlijk kapot, mijn vader ook. Er werd weinig verdiend: voor alles moest lang worden gespaard.
Het inwonen bij ouders gaf veel narigheid. Mensen waren toen ook gewoon mensen, met hun geroddel, onderlinge ruzies en harde oordeel over afwijkend gedrag. Tegenover de grote behulpzaamheid stond de soms verstikkende sociale controle.'


Uw boek is fictie, maar bevat veel autobiografische elementen. Hoe was het voor u om zo veel herinneringen op te halen?

'Juist het opschrijven van mijn herinneringen was heel intens. Ik beleefde die tijd opnieuw. Soms zat ik hardop te grinniken achter mijn laptop. En een enkele keer heb ik even een potje zitten janken.'


Ook de zorg voor ouder wordende ouder is een thema in uw boek. U combineert zelf de zorgen voor uw moeder, een baan en een huishouden. Valt u dat zwaar?

'Ik denk dat ik met veel vrouwen het gevoel deel dat er van verschillende kanten van alles van je wordt verwacht, en dat je daarbij altijd een beetje tekortschiet. Met ouders die hulp nodig hebben telt dat extra. Je houdt van ze, je wilt voor hen zijn wat ze vroeger voor jou zijn geweest, en dat kan niet. Want je hebt ook je kinderen, je partner, je werk. Op je woont op afstand. Dat spanningsveld heb ik in mijn roman willen beschrijven. Zelf heb ik moeder van 82, die nu revalideert na een gebroken heup. Hopelijk kan ze straks weer terug naar haar huis. Maar dat ze hulp nodig zal blijven hebben, is duidelijk.'


Info in Nouveau mei ‘06


‘Je blijft altijd kind. Totdat je ouders verzorging nodig hebben – dan zijn de rollen ineens omgedraaid’

Haar eigen jeugd op een boerderij diende als inspiratiebron voor Een kleine wereld, waarin Marga Kool de lezer meevoert naar het plattelandsleven van de jaren vijftig van de vorige eeuw. Een prachtig intiem verhaal over de warme jeugd van een meisje in Drenthe.

‘Eigenlijk is het boek een hommage aan mijn vader. Hij was een humoristische, warme man,’ vertelt schrijfster Marga Kool (56). ‘De meeste zaken in het boek, zoals de beschrijvingen van de personages, de samenstelling van het gezin, heb ik allemaal veranderd. Behalve zijn karakter, dat heb ik zoveel mogelijk intact gelaten. Het was een intens schrijfproces. Beelden en herinneringen drongen zich aan me op. Het lag zo dicht bij me. Soms zat ik een potje te janken achter mijn computer. Over andere gebeurtenissen die juist heel grappig zijn, kon ik even later weer zitten grinniken.’

In 1999 overleed haar vader. In haar poëzie en verhalen verwerkte Marga herinneringen aan hem en aan haar jeugd als oudste dochter van een boerengezin met drie kinderen. Mede door positieve reacties van lezers kwam zij op het idee hier uitgebreider op in te gaan. Zo ontstond Een kleine wereld, haar debuutroman. In dit boek wordt een archeologe gebeld terwijl ze in het buitenland aan het werk is: haar vader ligt in het ziekenhuis. Zo snel mogelijk reist ze terug naar Nederland. Ze neemt haar intrek in het ouderlijk huis, waar haar vader is blijven wonen na de dood van haar moeder. Tussen de dagelijkse bezoeken aan haar vader in het ziekenhuis door wordt zij overspoeld door jeugdherinneringen. Heden en verleden wisselen elkaar af.

Het boek is een beschrijving van de warme jeugd van een meisje in Drenthe in de veilige bedding van een dorpsgemeenschap in de vorige eeuw. Maar ook van familierelaties die veranderen door het meedogenloos voortschrijden van de tijd en van een samenleving die moderniseert. Kool: ‘Daarnaast wilde ik ook een wezenlijke ervaring kwijt over de omkering van de rollen die ontstaat als je ouder wordt. In je hart blijf je altijd een beetje een meisje, totdat je ouders doodgaan of je de zorg voor een zieke ouder op je schouders krijgt. Dan ben jij ineens de verantwoordelijke.’

Ze ondervindt dit zelf aan den lijve in haar eigen leven. Haar zoon en haar dochter zijn al een tijdje uitgevlogen en hebben hun eigen leven. Maar sinds kort heeft haar moeder haar zorg nodig, omdat zij een zware operatie heeft ondergaan. Binnenkort verhuist Marga met haar levensgezel, de schrijver Jan Veenstra, zelfs naar de buurt waar ze opgroeide en waar haar moeder woont, nog steeds in dezelfde boerderij.

Hoe combineert ze haar relatie, een drukke baan als dijkgraaf van het waterschap, het schrijverschap en de zorg voor haar moeder? ‘Het blijft een voortdurend geschipper. Kies ik voor beschikbaarheid of voor mijn eigen leven? Ik denk dat schuldgevoel over de keuzes die je maakt heel herkenbaar is voor vrouwen van mijn generatie in deze positie.’


Info in  Tubantia; d.d. 8-4-2006.  Artikel van Theo Hakkert


Platteland is overal hetzelfde

Dichteres, dijkgraaf en nu ook romanschrijfster. Marga Kool. 'Goed dat er op dit moment ruimte is voor het beschrijven van het platteland.'

Aan de wand van haar kantoor in Meppel hangt een plattegrond. Een hoekig kronkelende lijn geeft het gebied aan waarover Marga kool dijkgraaf is. Ze leidt het Drents-Overijsselse waterschap Reest & Wieden. Zo is ze baas over het unieke natuurgebied De Weerribben. 'Nou, baas is een groot woord, maar ze vallen binnen mijn waterschap.'

Buiten Meppel staat het water dezer dagen hoog in de sloten. Marga Kool (* 1949) kent dat beeld nog uit haar schooljaren. ‘In het voorjaar fietste ik tussen kilometer water door. Toen stroomde de Reest nog waar ze wilde, dat was in de tijd dat water nog de ruimte had en nam. Later hebben we, als waterschappen en bij ruilverkaveling, het water in een smal spoor gedwongen. Wat we nou doen, is het water weer de ruimte geven. Het afvoeren van water was doorgeschoten. Het werd te droog.’

In haar nieuwe roman De kleine wereld, die ze nadrukkelijk in het Drenthe van de jaren vijftig en zestig laat spelen, is het soms zo droog dat de pinken staan te loeien van de dorst. ‘Dat ging zo in dagen dat het extreem droog was.’
‘Terug naar het dorp van mijn ouders’ is de ondertitel van het boek. De genreaanduiding roman ontbreekt. Het wekt de suggestie dat het een autobiografie is, maar het ligt genuanceerder. ‘Het wil een roman zijn. De hoofdpersoon is archeologe en ik ben geen archeologe. Ik wil niet dat het verhaal van Marga Kool vertellen. Maar dat neemt niet weg dat ik er wel veel autobiografische gegevens in heb gestopt.’

De archeologe in de roman is teruggekeerd naar de boerderij waar alleen haar vader nog woont, maar nadat hij van een trap was gevallen moest hij in het ziekenhuis worden opgenomen. Ze is terug in de vertrouwde omgeving van toen. Terug in het bed waar ze als klein meisje bij ontij tussen pa en ma placht te kruipen. De herinneringen beginnen te stromen.
‘De aanzet tot het schrijven van de roman was de behoefte om gebeurtenissen uit mijn eigen geschiedenis op te schrijven.

Mijn vader is in 1999 overleden. Ik realiseerde me hoe een stuk van de tijd verstreken is en hoe onomkeerbaar dat proces is. Het besef dat dingen verdwijnen, culturen, vormen van samenleven, de agrarische cultuur van het platteland van vroeger, kweekte de behoefte het op te schrijven.’
Met veel gevoel voor couleur locale schetst Kool het leven op een Drentse boerderij vanaf de jaren vijftig. De tijd dat winkels Vivo heten, Abro het afwasmiddel is en de maaltijd bestaat uit zelfgekweekte Hollandse kost. Als nasi in zwang komt, weet moeder niet hoe ze het klaar moet maken, en ze bakt het als een dikke rijstkoek.

Nostalgie was niet haar drijfveer; wel het verlangen vast te leggen wat weliswaar verleden tijd, maar ook blijvend waardevol is. ‘Wat ik erg belangrijk gevonden heb, en dat was een hommage aan mijn vader, was vastleggen hoe de samenleving er destijds uit zag. Het was een warme samenleving. Ook wel met vervelende dingen, maar toch een waar mensen wat voor elkaar over hadden, waar geborgenheid was en een vanzelfsprekende zorg voor elkaar. Zonder winstoogmerk en materialistisch gewin, maar gewoon in alle soberheid een echte samenleving willen zijn.’

‘Ik heb een geborgen en gelukkige jeugd gehad. Veel mensen hebben dat nu mogelijk nog, maar ik vind het wel jammer dat zij niet meer kunnen meemaken wat ik heb meegemaakt. Ik denk dat heel veel kinderen de buren eigenlijk nauwelijks kennen. Vooral in de stedelijke omgeving. Het platteland is nog heel anders. Maar ik heb niet bedoeld om een moralistisch boek te schrijven.’
De dochter is archeologe. ‘Het is een belangrijk gegeven dat de hoofdpersoon aan het graven is, en ook in haar herinnering. Het graven in de tijd, gecombineerd met Drenthe, en sowieso van het oosten van het land, is dat daar de geschiedenis nog zo heel duidelijk zichtbaar is.

Dat is een belangrijke kwaliteit van het oosten. Daar kwam als vanzelfsprekend uit naar voren dat het haar beroep moest zijn dat ze groef in de tijd. Dit boek is archeologie op decennia.’
‘Wij vinden het zo belangrijk om de beschaving van Pompei en Maya’s vast te leggen, dus waarom niet van onze eigen geschiedenis. Het is me te clichématig om te zeggen dat wanneer je je eigen geschiedenis niet kent je jezelf niet kent, al zijn clichés vaak waar. Voor mijzelf is het wel nodig, en aan reacties van mensen merk ik dat veel anderen er ook zo over denken. Weten wat je wortels zijn, wat de geschiedenis van je ouders is en wat je eigen geschiedenis is, wordt steeds belangrijker voor mensen.’

Haar eigen wortels liggen niet in Drenthe. Anders dan de archeologe in het boek is Marga Kool niet op één plek opgegroeid. Ze werd geboren in Beekbergen en haar vader verhuisde een aantal malen met zijn gezin. Niet bepaald gebruikelijk bij boeren, ook toen al niet. ‘We zijn een rare boerenfamilie. Wij hebben op verschillende plaatsen gewoond. In Brabant, in Beilen, in Vroomshoop.

Ik het langst gewoond in Linde bij Zuidwolde. Als mijn vader zich kon verbeteren, vertrokken we. Maar op de ene plek was het hem te droog, de andere boerderij was te klein, of de gronden bleek te versnipperd. Uiteindelijk zijn wo op de boerderij van oma en opa in Zuidwolde gekomen. Waar ik toch al veel kwam. Die heeft vooral model gestaan voor de boerderij in mijn boek.’ Terwijl oma en opa ook al niet uit het oosten kwamen, maar door de watersnood uit Zeeland werden verdreven.

Dijkgraaf is ze, sinds 1 januari 2000. Daarvoor acht jaar gedeputeerde in Drenthe en weer daarvoor vier jaar statenlid. Maatschappelijke bezigheden terwijl ze ook als dichter en schrijver actief was, zowel in het Drents als in het Nederlands. Voor haar inzet voor de streektaal ontving zij in 1981, als eerste de Johanna van Buren-prijs, terwijl haar eerste boek zich afspeelde in de New Yorkse wijk Greenwich Village.

‘Jeugdige overmoed was dat.’ Een kleine wereld is haar eerste roman. ‘Het schrijven ging vloeiend.’ En dus heeft ze de smaak te pakken. In gedachten is ze bezig aan een tweede, over dementie. ‘Het is niet zo dat ik mijn hele leven alleen maar over Drenthe en de kleine wereld heb geschreven en dat zal ik ook niet blijven doen.’ Toch, nu met dit boek, dreigt ze weer als een puur Drentse schrijfster gezien te worden.

‘Nou, dreigt. Dat vind ik helemaal niet erg. Platteland is overal op de wereld. De omstandigheden op het platteland zijn over wereld behoorlijk vergelijkbaar. Samenlevingen van mensen die zich om elkaar bekommeren, elkaar ook in de gaten houden – met alle negatieve kanten; de kenmerken van een agrarische omgeving komen overal op de wereld overeen. Honderden schrijvers hebben geschreven over het Duitse, Chinese, Amerikaanse platteland. Waarom zou uitgerekend over het Drentse platteland niet geschreven kunnen worden?’

‘Als je boeken van Garçia Márquez leest, verlies je je helemaal in de typen, in al die mensen, in wat ze allemaal beleven. Dan heb je het idee dat het allemaal heel anders is dan wat je zelf hebt beleefd, maar dat is niet zo. Hij is ook daar in een dorp opgegroeid en hij heeft ook een deel van zijn herinneringen daar ingestopt. Het gaat niet om het land waarover je schrijft, het gaat erom of  je een goede schrijver bent. Als iemand dit boek niet wat vindt, ligt niet aan het feit dat het over Drenthe gaat, maar aan het feit dat ik het niet goed heb gedaan.’

Haar uitgever plaatst het boek in de traditie van Geert Mak (in dit geval Hoe God verdween uit Jorwerd) en Judith Koelemeijer (Het zwijgen van Maria Zachea). ‘Frank Westerman zou ook kunnen noemen: De graanrepubliek. Ik wilde eraan toevoegen hoe het voelde. Ik vind het heel goed hoe Mak en Westerman objectief gegevens beschrijven en de gevoelens en gedachten van de door hun geïnterviewden hebben weergegeven, maar ik wilde er gevoel bij in.

Het was voor mij een aanmoediging om te schrijven van binnenuit.’
Is ze bang voor de kwalificatie ‘streekroman’? ‘Ach, er zijn altijd mensen met vooroordelen. Die roepen, zo gauw een boek op het platteland speelt, dat het wel een streekroman móet zijn. Maar mijn boek heeft toch echt die kenmerken niet.’ De succesvolle romans van Jan Siebelink en Tommy Wieringa spelen ook in een provinciaal decor. ‘Goed dat er op dit moment ruimte is voor het beschrijven van het platteland. Misschien is dat wel eens minder geweest dan op dit moment. Het vooroordeel ten opzichte van het platteland is wel wat afgenomen.’

‘Ik wilde laten zien hoe de kleine wereld van Drenthe in vijfentwintig jaar tijd open is komen te liggen. De jongeren nu gaan wandelen in Zuid-Amerika of trekken door Australië. In mijn jeugd brak alleen de radio door de grenzen heen. En de TT Assen. Met de TT kwam de grote wereld even binnen. Een paar dagen slechts, en na het weekend ging de wereld weer dicht.'


'Drenthe opstoten in de vaart der volkeren maar wel op de Drentse manier' Een Artikel van Axel Wiewef

De meeste mensen kennen Marga Kool als een betrokken schrijfster van gedichten, verhalen en toneelstukken en als hoedster van de Drentse taal en cultuur.
Maar Marga Kool is meer dan 'alleen' schrijfster. Ze is lerares Nederlands geweest in Hoogeveen, dertien jaar lang. Vervolgens tien jaar gemeenteraadslid was van de voormalige gemeente Zuidwolde. En daarna vier jaar lid van de Provinciale Staten en acht jaar Gedeputeerde. Sinds twee jaar leidt Marga Kool als dijkgraaf het waterschap Reest en Wieden. Een functie waarmee ze opnieuw veel te maken heeft met het landschap en de cultuurhistorie van Drenthe, onderwerpen die ook in haar gedichten en verhalen een grote rol spelen...


Ramp als boer uit landschap verdwijnt

En dan te bedenken dat Marga Kooi niet eens een geboren Drentse pur sang is. Haar wieg stond in 1949 in Beekbergen, maar ze groeide op in Linde, op tien minuten gaans van Hoogeveen, een omgeving die ze als haar roots beschouwt. 'Het is een prachtig landschap,' vertelt ze, 'waar mijn fantasie enorm geprikkeld wordt. Dat heb ik met heel Drenthe, dat ik me bewust ben van de vele eeuwen die af over dat landschap heen zijn gegaan. Wij mensen zijn niet meer dan slechts een moment in de tijd en we moeten daar voorzichtig mee omgaan.

Gelukkig komt er steeds meer aandacht voor de identiteit van het landschap en haar bewoners. Voor waarden zoals stilte en duisternis. Veel mensen realiseren zich dat die waarden tot de sterke kanten van Drenthe behoren, dat het heel erg zou zijn als die verdwenen. Rust, ruimte, en duisternis op plaatsen waar het kan, dat is Drenthe. Zoals ook de boer in dat landschap hoort. Sommige mensen verwachten zo'n uitspraak niet uit mijn mond, maar ik zou het een ramp vinden als de boer uit het Drentse landschap verdween. De bijdrage van boeren aan het kleinschalig cultuurlandschap is enorm belangrijk,' vindt Marga Kool, die geen misverstand wil laten ontstaan over haar toekomstvisie op Drenthe.


Eeuwenoude waarden koesteren

'Mijn pleidooi voor de waardering van eeuwenoude waarden betekent niet dat ik er tegen ben dat Drenthe wordt opgestoten in de vaart der volkeren. Dat mag best, maar wél op de Drentse manier, niet rücksichtslos en ten koste van landschap en cultuur, maar met respect voor oude waarden. Niet alleen instanties en overheden moeten daarvan doordrongen zijn, maar ook burgers. Ik vind dat bedrijven en burgers wel wat bewuster met hun omgeving mogen omgaan, niet alleen met de verlichting rondom hun woning of bedrijf, maar ook bijvoorbeeld met de beplanting die ze op de erfgrens en in hun tuin neerzetten.

Daar hoef je niet altijd coniferen voor te nemen. Laten we nou met z'n allen eens proberen om ingrepen in het landschap, als die nodig zijn, niet automatisch op de meest goedkope en functionele manier uit te voeren, maar ook eens te kijken of we het móói kunnen maken. Dat hoeft lang niet altijd duurder te zijn,' besluit Marga Kool.
Liefhebbers van haar poëzie en proza kunnen zich verheugen in een nieuwe roman die in april verschijnt, getiteld Een kleine wereld. Een roman waarin het leven op het platteland in de jaren vijftig van de vorige eeuw centraal staat.


Bezoek hier de eigen website van Marga Kool






© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl