In en om Assen





Harry Muskee, gewoon en toch al gek genoeg!


Bronvermelding:
'Harry Muskee, gewoon en toch al gek genoeg'. Oktober 1997. Initiatiefnemer en voorwoord: Gerard van Klaveren, Tekst: Harrie Popken. Foto's: Rudy Leukfeldt


Foto Rudy Leukfeldt


Voorwoord


Het zal in 1967 geweest zijn dat ik voor het eerst kennis maakte met de muziek van Harry (Cuby) Muskee. Blues, in pure vorm, met teksten die zeer tot de verbeelding spraken. Destijds betekende een voorkeur voor de muziek van "Cuby & the Blizzards" veelal ook een keuze voor een "way of life". Termen als noordelijk, platteland en ruig, aangevuld met een sterke drang naar vrijheid kwamen daarbij nadrukkelijk in beeld. Je willen vereenzelvigen met "Cuby" betekende voor ons noordelingen tevens je willen ontworstelen aan het toen aanwezige negatieve beeld van het Noorden, namelijk dat hier sprake zou zijn van een achtergebleven gebied.

Nu zo'n dertig jaar later is Harry nog steeds actief. Zijn muziek is veranderd, de traditionele blues is inmiddels sterk beïnvloed door andere muziekstijlen zoals rock en funk. Wat in al die jaren onveranderd is gebleven, is de verschijning Muskee. Het "oude" beeld van Harry op het podium is nog steeds hetzelfde: een intro van de band en vervolgens de opkomst van de "master himself", uiteraard met een gevuld glas en een sigaret.

Waarom dan nu een borstbeeld van deze bijzondere noordeling? "Dat doet men toch pas als iemand dood is?", zo luidde een reactie op mijn voornemen om voor Harry Muskee een borstbeeld te gaan organiseren. Dat is natuurlijk geen argument, integendeel, waarom mag een muzikant die zijn sporen ruimschoots heeft verdiend, niet al tijdens zijn leven worden geëerd? Overigens is Harry al eerder in het zonnetje gezet, immers in 1992 werd hem de Erepenning van de gemeente Assen uitgereikt en vervolgens twee jaar later ontving hij uit handen van oud-commissaris van de Koningin Wim Meijer de Culturele Prijs van Drenthe. In deze rij van eerbewijzen hoort dit fraaie, door Gerda van den Bosch vervaardigde borstbeeld, als een tastbare ode aan de man die de blues in de meest brede vorm heeft vertolkt en gepromoot.


Grolloo

Vanaf het terras van Café Hofsteenge kunnen we de inmiddels opgeknapte boerderij net zien. De boerderij waar Cuby and the Blizzards repeteerden voor onder andere de elpee Groeten uit Grolloo die in 1967 uitkwam. Drentse bluesmuziek die jaren achtereen furore maakte. Op de plaats waar de glas- en papierbak hebben gestaan staat straks de bronzen kop van Muskee, waarmee een stuk geschiedenis van Grolloo, het dorp waar hij zes jaar woonde, wordt vastgelegd.

"Ik kende Grolloo van de optredens bij Café Hofsteenge waar we in het begin op het biljart stonden, want een echte installatie hadden we immers nog niet. Toen de verkering met Miep, mijn vriendin in Norg, bij wie ik min of meer inwoonde, uitraakte, ben ik bij Harm Hofsteenge, die in de tuun aan het werk was, binnengelopen om te vragen of hij misschien woonruimte wist. Ga maar naar Jan Bonder, die heeft even verderop een onbewoonbare boerderij, misschien is dat wel wat, zei Harm. Bonder was aan het hooien toen ik hem achter Grolloo, bij t Hult op het land aantrof. Je mag er mee doen wat je wilt, als je het dak er maar op laat zitten en de muren laat staan, zee e. Voor ƒ 80,— per maand was ik de huurder van een boerderij met slechts een werkend waterkraantje erin op de pompstraat. Café Hofsteenge werd mijn tweede huis, ik at er en ging er naar de wc, want die was er ook niet. De jongens kwamen naar Grolloo om er te repeteren. Desolation (met een Edison bekroond, HP), Groeten uit Grolloo en Trippin through a midnight blues zijn in de boerderij ontstaan.

Het was in de tied dat we al optraden in Amsterdam bij Paradiso en Fantasio, waar de middelen ruim voorhanden waren. Ik was gelukkig te nuchter om verslaafd te raken, we experimenteerden en wilden kijken of het effect had op onze muziek. Uiteindelijk heb ik liever een borrel. Nog steeds... Als ik middenin de nacht thuuskwam na een optreden op zaterdagavond, werd ik op zondag voor dag en dauw opgetrommeld voor een invalsbeurt in het voetbalelftal van SGO en speelde ik met een duffe kop een wedstrijd tegen Theo uit 't Haantje of SVDB uit Ekehaar. De mensen in Grolloo waren snel aan me went en stelden zich gemakkelijk op. Ze zeeden: Muskee, ik begriep niks van je muziek, maor je bent een beste kerel. Ik heb de hele buurt direct uitgenodigd voor de borrel, zo hoort dat hier. Later hielp ik wel met hooien en eerpels rooien en sommige olie vrijgezellen kwamen even langs... Toen de boerderij te koop kwam kon ik het financieel niet bezetten en ben toch maar, met tegenzin, verhuusd naar Assen.


Foto Rudy Leukfeldt


Flophouse

Apple Knockers Flophouse is een nummer dat is onstaan in Grolloo. Het is Amerikaans "slang" voor een goedkoop logement voor de nacht. Het is een autobiografisch nummer over de gezelligheid van de boerderij in Grolloo. Een heleboel mensen kwamen in de zomer weleens even langs uit het westen. Mensen zoals Ton Sijbrands en Simon Vinkenoog en Willem de Ridder of Boudewijn de Groot. Ze moesten hun slaapzak meenemen en op de grond slapen. Ze kwamen altijd als het zomerde, want 's winters zag je ze niet, dan was het te kold. De deel was met het halfsteens muurtje op het oosten ook nauwelijks warm te stoken, ook al was het peteroleumkacheltje helemaal rood. Frans Janssen de kunstenaar schopte de leiding eens een keer lek die naar het peteroleumreservoir liep. De hele boerderij heeft minstens drie maanden lang naar peteroleum gestonken. Such a good place for you and for me. John Mayall en Eddy Boyd hebben er geslapen. Met de laatste hebben we toen een gezamenlijke LP gemaakt.

Roem

Roem is een raar ding. Mensen interpreteren maar wat. Toen de band wat meer bekendheid kreeg werd er van alles geponeerd. Bijvoorbeeld de situatie van de Amerikaanse negers in het zuiden van de VS werd vergeleken met de ellende van het veen. De honger en de gedwongen winkelnering, de turf en de jenever werden vergeleken de blues van de Amerikaanse negers. Ik heb die vergelieking ok nooit zocht. Mien belangstelling voor de blues ontstond door het luisteren naar de Amerikaanse propagandazenders van na de oorlog... John Lee Hooker en de legendarische diskjockey Willis Conover... de blues van de delta... de rural blues... zonder opsmuk... man met gitaar en zingen. Ik zette me af tegen het nette van de autoriteiten en de ambtenaren, Cliff Richard of the Shadows, de vetkuiven en de petticoats!

Voor de business of de beroemdheid had ik beter wel kunnen verhuizen naar het westen van Nederland. Toch heeft me dat nooit aangetrokken. Dicht bij de natuur met de Drentse nuchterheid en humor, an de stamtaofel even zoegen en zeuren met bekenden om me heen daar vuul ik mij nog steeds het best.

Assen

We hebben altijd in het Rooie Dorp in Assen-Oost gewoond op de hoek van het Lodewijk Napoleonplein en de Rodeweg. De Muskees waren turfschippers, mijn grootmoeder heeft nog in een plaggenhut gewoond op Lombok (een deel van het Aardscheveld waar nu Licht en Kracht en Van Boeyenoord is gevestigd in Assen-Zuid, HP). Na de lagere school deed ik de MULO op de Jan Fabricius bij de heer Sperna Weiland en meester Kroeze die me de liefde voor de natuur heeft bijgebracht. Later heb ik nog een blauwe maandag MO A Nederlands gestudeerd in Groningen, maar de sfeer tussen al die onderwiezers beviel me absoluut niet. Ik zong al een beetje in the Old Fashioned Jazz Group met die jongens van Hilbrandie, maar na een tijdje verveelde de "New Orleans" me. Het was mij een beetje te oubollig, bovendien gaven die Hilbrandies, lieve mensen overigens, nooit eens één weg. Tijdens feestjes zong ik af en toe een nummer mee met The Rocking Strings, een band die nummers van The Shadows en Cliff Richard naspeelde. Wim en Hans Kinds, Nico Schreuder en Eelco Gelling speelden daar toen in.

Nico werd vervangen door Willie Middel, omdat hij niet op zondag mocht spelen en gesnapt werd door zijn ouders toen hij via een balkon op de "rustdag" naar een optreden wilde. Wim Kinds was op een gegeven moment drummer af, omdat Dick Beekman een mooier drumstel had. Bovendien had Dick les bij Koenders van muziekhuis Tonica. Het was toen de kunst om muziek van anderen precies na te spelen, langzamerhand begonnen we steeds meer bluesnummers in ons repertoire te integreren. We repeteerden in die tijd aan de Schoolstraat waar Dick Greving ons een leegstaand huis ter beschikking had gesteld. Daar werden schoolfeesten gehouden met jongens van de HBS en het Gymnasium

De korte broek nog an

Wij voetbalden tussen de flats van de Dr. Kuiperstraat en de Groen van Prinstererlaan op een stuk gras waar we bordjes "Verboden te voetballen" als doelpaal gebruikten. De meeste middagen waren we daar na schooltijd te vinden. Onder de flats waren kelders gebouwd, een soort souterrain zou je kunnen zeggen. De grote ramen kon je helemaal naar binnen klappen als je de beugels iets uit hun verband rukte. Door een te scherpe pass rolde de bal naar de flat, in de richting van het open raam. In de kelder zag ik een aantal lieden met verschrikkelijk lang haar, dat ik nog niet mocht van mijn vader. Er waren mensen aan het repeteren op een aantal akoestische gitaren en er stond een grote zeepkistbas in de schuur van Kinds. Ik weet niet meer wie er allemaal bij waren, maar ik had voor mezelf het idee dat daar Cuby and the Blizzards aan het groeien was.

Grote jongens begonnen al C + B op de muren te kalken en ik herinner me hoe trots we waren dat een Asser band een plaatje maakte en even later zelfs een LP. Ze kwamen op de televisie en wij keken ademloos toe. De band verdedigden we tegen het ouderlijk gezag dat deze bult lawaai helemaal niet zag zitten. En moe'j es kieken hoe die jong'n d'r uut ziet! Zonder dat wij het door hadden, zaagden ze al aan de poten van de gevestigde orde. Later vond je de band terug tijdens de legendarische kerstvolleybalfeesten in Bellevue, waar tijdens de prijsuitreiking in het bijzaaltje, de ober een steekkar met drank naar het podium reed voor de inspiratie van de band, die over een uur zou beginnen. (HP).


Foto Rudy Leukfeldt


De blues en de kroeg

In het begin werd de blues helemaal niet gepruimd. Soms speelden we voor zalen zonder publiek. Desondanks speelden we door. Het was de tijd dat The Pretty Things, The Rolling Stones en John Mayall langzamerhand furore maakten. De blues raakte daarmee een beetje in de mode, omdat het heel anders was dan die gladde top 40 muziek. De hond van de buren in Assen-Oost heette Cuby en via het Engelse woordenboek prikten we spontaan de b en op die bladzijde stond blizzard. Zo vunden wie een naom.

Henkie Louwes (nu eigenaar van Cafetaria De Pelikaan in Assen-Oost, HP) richtte in die tijd een fanclub op voor Cuby and the Blizzards en met bussen van Harmanni reisden regelmatig tientallen fans mee naar optredens in Gasselte, Oosterhesselen en Zuidlaren. Ook traden we veel op in Grolloo bij Hofsteenge en bij Erkelens in Rolde. Toen speelde je als band nog de hele avond en moest er om de drie nummers een pauze worden ingelast om de kastelein aan zijn trekken te laten komen ("niet te lang speulen jongens anders zoept ze niet"). Jan Erkelens, de vader van Leendert kwam ooit eens met een stuk krijt naar het podium en kalkte met grote letters "ZACHTER" op de planken. Dat stond ons imago als ruige band echter niet toe en we speulden gewoon deur. Toen we later gingen afrekenen gaf hij ons een grote fles met allemaal kleingeld, stuuvers en dubbelties, guldens en rijksdaalders, om ons het toch even te laten voelen. Ach, de blues en de horeca hadden elkaar nodig, zeker omdat we in die tijd bussen vol fans meenamen.

Doorbraak

Na mijn diensttijd heb ik twee jaar gewerkt als corrector bij de Drentse en Asser Courant aan de Torenlaan. Ik herinner me nog levendig het enorme lawaai van de pers, de letterzetters en het lood. André Java werkte er al en Ton Hulst en de legendarische sportjournalist Foeke Arema. Uit solidariteit met leerling fotograaf Eelco Gelling, die door een mijnheer Diemei werd weggestuurd vanwege zijn lange haar, ben ik ook maar opgestapt. In feite was dat de aanleiding om allemaal "beroeps" te worden. Via Jan Venhuizen, de eigenaar van platenzaak Lampe in Assen, waar ik regelmatig bluesplaten kocht en bestelde (soms ging ik op de fiets van Assen naar Groningen om bij Hemmes bluesplaten te kopen), werd contact gelegd met Rood CNR. In een oude school in Amsterdam, het zogenaamde BAVO-huis, werd onze eerste plaat Stumble and Fall opgenomen en later Desolation waar we een Edison voor kregen. Mede door de steun van Willem de Ridder en Koos Zwart van het popweekblad Hitweek kwam de doorbraak.

De conflicten

Ik ben niet iemand die conflicten breed moet uitmeten. De mensen die ik wat te zeggen had en wat te zeggen heb, weten dat van mijzelf. Uiteindelijk vielen de Blizzards uit elkaar door een reeks van misverstanden. Misschien hadden we een betere manager moeten hebben. Daar moetje geen boek met volschrieven, wat geweest is, is geweest. Latere pogingen met Red White and Blue en de Muskee band waren niet zo'n succes, ook al omdat we de media niet meehadden. De vaak kleine productiemaatschappijen hadden toch niet de ingang die de grote wel hebben bij bijvoorbeeld radio en tv. De blues is nog steeds een minor music. De meeste muziekjournalisten weten helemaal niks van die materie en dus schrijven ze er niet over. Het blijft niet-commerciële muziek. De huidige samenstelling van Cuby and the Blizzards met Herman Deinum, Heimig van der Vegt, Hans Lafaille, John Lagrand en Erwin Java is de meest ideale. Naast optredens in theaters, gaan we op beperkte schaal ook weer in de kroegen optreden. Uiteindelijk is het de blues die ons samenbrengt, zoveel jaren later, maar nog steeds met een gevoel, dat we muziek maken met wortels eraan, die kloten heeft, en die niet gemaakt wordt vanwege de hit of het geld. Ik vind de popmuziek niks an. Ik luuster d'r nooit naar.


Foto Rudy Leukfeldt


Rolde

Thuus staat er vaak klassieke muziek op. Via de familie Venhuizen kwam ik destijds in aanraking met de klassieke muziek. Het eerste pianoconcert van Tsjaikovsky was de eerste plaat die ik aanschafte. En ik heb veel platen van Bach. Ik heb de plaatsen bezocht waar grote componisten gewoond en gewerkt hebben en waar ze begraven zijn. Het is muziek zonder versterkers, dat klinkt misschien wat gek, maar dat is blijkbaar een tik van me. Ik vind het mooi. De klassieke muziek is op een bepaalde manier ook rootsmuziek. Net zoals de volksmuziek, de fado en de flamengo, de jazz en de blues. Muziek van John Coltrane, die absoluut de voorloper was van onze hedendaagse muziek. In Rolde draai ik eigenlijk alleen blues als voorbereiding op Harry's Blues. We zijn ook nu nog meer een cult-band dan een pop-band. Onze muziek kun je altijd blijven spelen. John Lee Hooker en BB King spelen nog... Ik hou me maar vast aan het idee dat je er niet blits uit hoeft te zien om succes te hebben...

Nieuw

We zijn bezig om een nieuwe CD te maken, waar een groot deel al van klaar is. In mijn teksten probeer ik wat kritischer te zijn ten aanzien van de dingen die om ons heen gebeuren. Over sociale misstanden die er vroeger waren en die er nu in een andere vorm nog zijn, ook al heeft iedereen stemrecht. De negers in het zuiden van Amerika hebben nog steeds niks te vertellen, ze zijn nog steeds arm en er worden nog steeds kerken verbrand. Of een nummer over mensen die steeds meer luxe willen, die nooit tevreden kunnen zijn, die nooit kunnen genieten, die het onbeschofte "meer" najagen. Ik wil muziek maken om de muziek zelf, anders was ik allang gestopt. Geen druk van maatschappijen om te moeten scoren, een hit te maken. Alle muziek die gemaakt wordt om bij voorbaat geld aan te verdienen, wies ik nog steeds af. Weg met de pluggers! Ik heb nooit problemen over geld gewild. Het is de dood in de pot en de bron voor conficten en uiteindelijk dodelijk voor echte creativiteit! Ik heb nu een ploeg waarmee ik door één deur kan, waar de humor een rol speelt. We passen bij elkaar, we kunnen van elkaar op an. Geen tweehonderd keer per jaar meer. Een beetje exclusief. Maar als we optreden is het een soort Kathargus, je kunt de kleine dingen des levens d'r uut wringen, zodat de bank van de psychiater op een grote afstand blijft.

De radio

Mensen zeiden wel eens dat Harry Muskee niet kon praten, maar dat is niet zo. Daar waar mijn hart ligt, over de dingen die me echt interesseren, kan ik veel vertellen. Door de dubbelpresentatie met Albert Haar krijgt Harry's Blues bij Radio Drenthe een veel informatiever karakter. Ik ben ja gien diskjockey! Het programma heeft als het ware de sfeer van een huiskamer, het is alsof de luisteraars er bij zitten. We doen dit nu al vijf jaar en dat bevalt me uitstekend. Het lijkt een beetje op wat Han Reiziger op zondag voor de VPRO-TV doet. Met Albert hebben we in 1993 een reis naar de Mississippi Delta gemaakt. Naar de roots van de blues, een hardstikke mooie en indrukwekkende ervaring. Toen de slavernij werd afgeschaft trokken de negers later naar de grote steden naar de autoindustrie van Detroit en de slachthuizen in Chicago. En de muziek ging mee, het werd een grote stadsblues, met versterkte gitaren en blazers. Ik hoop dat we ooit nog eens het tweede deel van de reis die de grondleggers van de blues hebben gemaakt naar Detroit en Chicago kunnen vastleggen. Dat lijkt me fantastisch.






© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl