In en om Assen





De strijd tussen natuurbescherming en de landbouw


(foto Rob Lucas, Enschede)


De boeren zijn onmisbaar als beheerders van het gebied.

De duiven kirren in de til bij de oude havezathe Overcinge in Havelte. De lucht zit vol frisse voorjaarszuurstof, kraaien, eksters, merels, mussen en spreeuwen hebben het druk met het bouwen van de nesten. De crocussen zijn uitgebloeid, okergele narcissen kijken wat eigenwijs over de kale landerijen. De koeien staan nog op stal. De hoge beuken en eiken langs de pas opgeschoonde gracht fluisteren een lied over de naderende meimaand. Een prachtige omgeving. Geen wonder dat in een van de zalen van de havezathe een gezelschap heren ernstig aan het converseren is over het landschap. Het zijn leden van de Milieuraad Drenthe. Ze zetten zich in voor het behoud van het mooie in deze nog steeds in landschappelijk opzicht afwisselende provincie.

De stemming is vrij somber in de wat kille grote ruimte. Begrijpelijk omdat de natuur- en landschapsbeschermers al heel wat nederlagen hebben moeten incasseren in hun niet aflatende strijd. Meems van Staatsbosbeheer uit Havelte is zo'n man, die weet hoe moeilijk het is om de boeren een goeie boterham te laten verdienen en toch een mooi landschap te houden. Hij staat het gezelschap toe te spreken op een manier die getuigt van een gedegen kennis van zaken. De boeren zegt Meems zijn ook in de toekomst onmisbaar als beheerders van het gebied. Wat dat betreft zijn er geen conflicten tussen de natuurbeschermers en de agrariërs. De wijze waarop de landbouw moet voortbestaan leidt echter tot hevige discussies.

Een kleinschalig landschap, zoals dat er nu nog is vooral bij Ruinen, Havelte, De Wijk en Zuidwolde, kan eigenlijk alleen maar voortbestaan als de kleinere boeren er ook een behoorlijk inkomen hebben. Dat is nu meestal niet het geval. Gevolg hiervan: er zijn geen opvolgers op de bedrijven, die daarom worden verkocht. Alleen de groten en sterken in de landbouw dreigen over te blijven. "Dat moet voorkomen worden, omdat juist de kleine boeren zo belangrijk zijn voor het instandhouden van het landschap", vinden natuurbeschermers, 't Is mooi gezegd, maar minder gemakkelijk gedaan. Wie deze boeren in ere wil houden en het landschap mooi, zal daarvoor moeten betalen.


In de boterfabriek kwam een spuitbussenfabrikant

De overheid wil de portemonnee ook wel opentrekken voor deze agrariërs. De vraag is alleen nog of er voldoende geld uitkomt om de kleine boeren een behoorlijk bestaan te garanderen. Landschapsbeschermers zien ook mogelijkheden voor hen in de biologisch-dynamische producten. Op een klein stukje grond kan toch een redelijke boterham worden verdiend, omdat de biologische produkten tegen een betere prijs verkocht worden. Meems: "Eigenlijk is het erg jammer dat de zuivelfabriek in Ruinen is gesloten. Daar zijn nog erg veel kleinschalige bedrijven, die een toekomst zouden moeten kunnen houden. De melkbussen zouden er moeten kunnen blijven". In Wapserveen probeerden milieubewuste heden de zuivelfabriek op te kopen, om er melk te verwerken van koeien die geen gras hadden gevreten van weiland dat met kunstmest was bewerkt.

De aankooppogingen slaagden echter niet. Er kwam in plaats van een milieubewuste "botterfabriek" een spuitbussenfabrikant in, die kunstsneeuw vanuit de oude fabriek over het gehele land verspreidt. Vooral tegen de kerstdagen worden er veel van die busjes aangeschaft. De Wapserveense alternatieven zetten echter nadien door. Ze riepen boeren bij elkaar in het dorpshuis, om te komen tot biologisch-dynamische bedrijven, zoals die er ook op Terschelling zijn. Vooral kleinere boeren hadden er wel oren naar, omdat ze om moeten schakelen van de melkbus op een melkkoeltank. Dat vraagt een flinke investering, die deze boeren maar moeilijk kunnen dragen. Tientallen agrariërs kwamen op de vergadering in het dorpshuis af.

De animo werd wat minder toen de initatiefnemers niet precies konden vertellen hoeveel de boeren op zo'n nieuw bedrijfje zouden kunnen verdienen. Later werden, er berekeningen gemaakt, waaruit bleek wat de boeren op zo'n nieuw produktiebedrijf uit de kassa kunnen halen, na een weekje zwoegen. Het zijn nieuwe aanzetten, die erop gericht zijn de landbouw in zijn kleinschaligheid te behouden, opdat ook het landschap, om met Meems te spreken, niet een grote grijze cultuursteppe wordt. Het aardige van Drenthe is de grote afwisseling in het landschap. Die week dat de leden van de milieuraad zwaar zaten te bomen over ruilverkavelingen die er zijn geweest en die nog op til zijn, stond een grote groep boeren met spandoeken voor het gemeentehuis van De Wijk, om duidelijk te maken dat ze er niets voor voelen dat het Reestland, waarin zij eeuwenlang boer konden zijn, uit boerenhand zou raken.


Landschap bij Rhee, Drenthe (foto Sietse Kooistra, Assen)


Een oorlogsverklaring van de landschapsbeschermers

Scherper kon het contrast tussen de beide groeperingen nauwelijks duidelijker worden gemaakt. De boeren boden een petitie aan het gemeentebestuur aan, om duidelijk te maken dat ze er niets voor voelen dat een groot deel van de gronden aan Overijsselse- en Drentse zijde van de Reest een bestemming zou krijgen, die ze ongeschikt maakt voor het rendabel maken van een boerenbedrijf. "Als deze plannen doorgaan, dan hebben de landschapsbeschermers ons duidelijk de oorlog verklaard. We nemen dit nooit", betoogden de boeren resoluut. Om hun strijdbaarheid duidelijk te maken waren ze met trekkers en giertanks uit het Overijsselse opgerukt naar het Wijker gemeentehuis, waar de burgemeester en de beide wethouders het gezelschap enigszins onthutst gadesloegen. Aanvoerder van de boeren is de heer J.L. Nysingh, telg uit een oud Wijker geslacht, die zelf aan de rand van het Reestdal woont in De Stapel. De boeren uit dit gebied waren vroeger de trots van Drenthe.

Het mooiste vee werd er gefokt. Jarenlang waren de koeien uit De Stapel de mooiste op de jaarlijkse fokveedag in De Wijk, die bekendheid genoot in het hele land. De eerste Nederlandse kampioen stier kwam in 1913 uit dit Reestgebied. De boeren waren trots op hun vee en zijn dat nog steeds. En ook op hun land. Ze willen er op blijven werken, ook graag hard als ze er een behoorlijke boterham op kunnen ver¬dienen. Natuurbeschermers zeggen: "De boeren hoeven niet te klagen. Ze krijgen een passende vergoeding, als de gronden worden aangewezen als reservaat, of als beheersgebied". Maar de veehouders gaan de haren rechtop staan als ze dat horen. Ze zijn niet gewend, als ambtenaren bij hun boerderij rond te lopen. Ze willen de handen uit de mouwen steken, zomers, 's winters, in het voorjaar en in de herfst.

De oude waard die al 84 jaar vanuit zijn herberg uitkijkt over het Reestdal met zijn grote diversiteit aan bloemen en vogels, zei me het duidelijkst, waarom de boeren niet voor vergoedingen voelen om het landschap in tact te houden. "De boeren hier hebben het Reestdal gemaakt zoals het er nu bij ligt. Ze vinden dat ze best in staat zijn, om dat zo te houden. Ze zijn ook trots op dit gebied, net zo goed als ik dat ben. Ze willen de Reest ook mooi houden. Maar een boer moet er wel kunnen werken en inkomen hebben. Je zal als jonge boer van 29 jaar het bedrijf van je vader maar overnemen, terwijl ineens ambtenaren beslissen dat je geen kunstmest meer over het gras mag gooien. In sommige streken mag zelfs nauwelijks nog wat gebeuren. Dat kan natuurlijk nooit. Zo'n jonge boer moet een kans hebben om zich te redden, ook in het Reestdal".


"Je wilt werken voor het geld datje krijgt"

Door het raam kijkt hij op de zonnige aprilmiddag over het land. Het eerste jongvee loopt al in de wei, die er nog een beetje dor uitziet. Het peil van het water is laag. "In al die jaren is er hier eigenlijk nooit wat veranderd. Hoewel. Die boerderij daar voor me, daar woont geen boer meer in. Iemand uit het westen heeft haar opgekocht voor enkele tonnen. En zo zijn er meer boerderijen verkocht, omdat de kleine boeren er een mooie cent voor konden krijgen. Zo is er ook veel land verkocht, zowel aan het Drents- als het Overijssels Landschap. Gronden die nu verhuurd worden. Eigenlijk hebben de boeren het ook een beetje aan zichzelf te danken, dat de natuurbeschermers hier zo'n stevige vinger in de pap hebben. Ze verkochten maar al te graag hectares grond voor een stevige grijpstuiver".

En dan: "Toch hebben de boeren hier nog de meeste gronden. Ze hebben het dus nog voor het zeggen, al is dat tegenwoordig maar betrekkelijk". Buiten duikelen de kieviten over de Reest, het smalle riviertje dat ergens bij Drogteropslagen begint als een sloot, waar zelfs een kleuter met gemak over springt. Een riviertje dat zeer grillig door het land kronkelt naar Meppel. Het vormt de natuurlijke scheiding tussen twee provincies, Overijssel en Drenthe. In bepaalde tijden van het jaar staan de weilanden onder water. Daardoor kon een unieke flora ontstaan. Landschapsbeschermers willen dat zo houden en het liefst uitbreiden. De boeren vinden het niet goed dat de landerijen zo nat zijn. Het gras moet behoorlijk gemaaid kunnen worden en het moet de tijd hebben dat het hooi wordt.

De boeren in het Reestdal zien hun belangen behartigd door de leden van het waterschap Riegmeer. Een van die leden van het college van hoofdingelanden, de heer A. Baas, zei in een interview in de Meppeler Courant: "Is dit Reestdal niet prachtig? Hebben de boeren hun werk dan soms niet goed gedaan? Als je de boeren uit dit gebied jaagt, dan wordt het Reestdal een grote puinhoop, een wildernis. Nu graast hier het vee, het land ligt er mooi bij. Laat de natuur nou eens een paar jaar zijn gang gaan. Je weet niet wat je ziet". En hij denkt er over, zoals de meeste boeren als er gezegd wordt dat ze toch een vergoeding van de overheid kunnen krijgen, als ze de landbouw niet optimaal kunnen uitoefenen. "Je bent boer. Dan ga je niet iedere maand je hand ophouden, om van de staat wat te krijgen. Je wilt werken voor het geld datje krijgt".


Akker op de van Lierswijk, Drenthe (foto Sietse Kooistra, Assen)


De grote bemoeizucht van de landschapsminnaars

Een grimmige sfeer heerst er in en om het Reestdal, in heel zuidwest-Drenthe eigenlijk waar de landbouw zich blijft verzetten tegen al te grote bemoeizucht van de landschapsminnaars. Het gevecht dat de natuurbeschermers in midden-Drenthe en een deel van zuidwest-Drenthe als verloren beschouwen, wordt door hen heviger dan tot nu toe gestreden. Ze willen koste wat het kost dit deel van Drenthe het eigen gezicht laten houden, omdat het daardoor ook toeristisch erg in trek is. Ze zeggen: "Er is veel te veel kapot gemaakt in Drenthe. Het is een van de weinige provincies in het land, waar je nog ruim kunt ademhalen, waar je nog kunt genieten van de natuur, van het boeien¬de landschap. De landelijke overheid moet zuinig zijn op zo'n provincie en de mensen die er wonen aanmoedigen dit mooie Drentheland zo te houden. Daar heeft iedereen in dit land belang bij, niet alleen Drenthen".

Even terug naar de vergadering in de Havelter havezathe. Meems van Staatsbosbeheer: "We moeten gezamenlijk met de boeren tot oplossingen komen. Dat die kunnen worden gevonden blijkt uit de ontwikkeling van de Drentse Aa in het noorden van Drenthe. In geploegd beekdallandschap heb ik daar zelfs al weer orchideeën zien groeien. Daaruit blijkt dat een nieuwe aanpak van het land best mogelijk is, als er maar oppervlakkig wordt geploegd en de nodige aandacht wordt besteed aan de waterhuishouding". Hij zegt met de boeren ook eerlijk te willen praten over het Reestdal. "Natuurbeschermers zijn van nature eerlijk. Het Reestdal heeft een heel andere begroeiing dan de Drentse Aa. Maar het is ook van een grote zeldzaamheid".

De natuurbeschermers zeggen er beslist niet op uit te zijn een soort landverovertje te spelen. Ze willen de boeren handhaven als beheerders van de gronden, liefst ook kleine agrariërs die zorgen voor het beeld van kleinschaligheid. "Ruilverkavelingen hebben de doodsteek toegebracht aan flora en fauna in midden- en zuidwest-Drenthe", zegt Meems boos. Hij wijst op de verkaveling in Hijken, waar tientallen ha. hei zijn opgeruimd, waar veenpluis, veenmos, struikhei, zeggesoorten, dop en kraaiheide o.a. zijn verdwenen in het zgn. Vorrelveen. "Het was een van de beste weidevogelgebieden van Drenthe, waar je zelfs nog zo'n dertig kemphanen zag bolderen op de dijk, waar grutto's, tureluurs en watersnippen in hun element waren. De boerderijen moesten in het kader van de verkaveling echter verplaatst worden en het gevolg daarvan is dat alle flora en fauna is verdwenen. Waarom moesten die boerderijen zo nodig uit het dorp weg?"


De boeren vinden dat de overheid veel te lang wacht met de aanpak van hun gronden

De ruilverkaveling zorgde voor een nieuwe ontwatering, voor de aanleg van nieuwe geploegde kavels. Van het Vorrelveen bleef niets over. Ook de orchideeën werden volgens Meems gelikwideerd. Ook veengebieden bij Mantinge zijn er niet meer. Bij de Westerborker stroom zag Meems een van de laatste kolonies grutto's, die hier altijd voorkwamen, verdwijnen uit een gebied dat fraai geel kleurde door de duizende dotters die er bloeiden". De verkavelingen zetten zich van midden naar zuidwest-Drenthe voort. Dwingeloo, Diever, Wapserveen en al veel eerder kwam Nijeveen aan de beurt. De natuurbeschermers hebben er geen goed woord voor over. De boeren zijn echter ingenomen met de verkaveling, omdat ze op een gemoderniseerd bedrijf kunnen werken.

Boeren in andere Drentse dorpen willen graag een bedrijf hebben, waar ze in 1980 en daarna nog het agrarische werk kunnen verrichten. Er staan ruilverkavelingen voor op stapel. Natuurbeschermers lopen de rillingen over de rug, als ze aan uitvoering denken, de boeren vinden dat de overheid veel te lang wacht met de aanpak van hun gronden. Nergens botsen de belangen van de groeperingen in Drenthe zo sterk als in Havelte, waar de milieu-werkgroep en de Vereniging voor Activiteiten elkaar al jaren zeer scherp bestrijden. Een situatie, die ook in de gemeenteraad vaak tot hevige discussies leidt. In Havelte is al een deel van het land verkaveld, er staat een nieuwe ruilverkaveling op stapel. De natuurbeschermers moeten er niets van hebben. Ze komen met een alternatief plan, waaruit blijkt dat ook door een veel eenvoudiger opzet de boeren een bestaan kunnen opbouwen en het landschap vrijwel intact blijft.

"Havelte wordt door de gemeente graag de Parel van Drenthe genoemd. Als we dat willen houden moeten we er gezamenlijk de schouders onderzetten. Anders blijft er van die parel weinig over", riep een lid van de milieuwerkgroep Havelte op de vergadering in Overcinge uit. Buiten de oude havezathe kwetteren mussen als drukke marktkooplieden. Op de esgronden begint de rogge al boven de grond te komen. Boeren fietsen met goedkeurende blikken rond op deze voorjaarsdag. Op een kampeerterrein zetten de eersten hun caravan neer. Er lijkt niets aan de hand in Havelte. Ogenschijnlijk gaat het leven er gewoon door. De boeren zijn nog steeds boer, de recreanten genieten voor hun caravan van de zon en de milieubewuste mens fietst over de es, terwijl leeuweriken hem een loflied in de oren jubelen.


(foto Sietse Kooistra, Assen)


De strijd is nog lang niet gestreden

Wie in een week boeren uit het Reestdal heeft zien protesteren en de milieuraad Drenthe heeft zien vergaderen weet dat er om het behoud van dit land een heftige strijd wordt gevoerd, die nog lang niet is gestreden. De natuurbeschermers hebben op het ogenblik de wind wat meer in de zeilen. De provinciale overheid heeft in een relatienota bijvoorbeeld gronden in zuidwest-Drenthe waar weinig aan zal mogen veranderen. "Natuurlijk zijn we büj met die nota. Maar we weten nog niet of die tot de door ons gewenste effecten zal leiden. We zijn er van overtuigd dat we voor het behoud van het mooie in Drenthe zullen moeten blijven knokken. En dat doen we dan ook", zeggen de natuurbeschermers strijdvaardig. De boeren stellen er even keihard tegenover: "Wij willen een ruilverkaveling, omdat we anders geen toekomst meer hebben. Het landschap is ons hef, maar we mogen niet verpauperen en met ons een groot deel van de provincie waaraan wij produkten leveren en waarvan wij spullen betrekken".


Bronvermelding:

'Drenthe in detail'. Rob Lucas en Gerard Hidding. Zuidgroep BV Uitgeverij, 1978. ISBN 90 6248 1027





© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl