In en om Assen





'Treinstel 747'


Bronvermelding:
HartjeGieten d.d. 11 december 2014, een artikel van Erik Riensema



Wij hebben een verkeerde inschatting gemaakt


De Nederlandse overheid zou eens excuses moeten aanbieden aan de Molukkers, voor de verkeerde manier waarop er met hen is omgegaan in de periode na de Tweede Wereldoorlog. Dat zegt Dick Scholing uit Gieten, die in 1977 als rechercheur deel uitmaakte van het Treinteam De Punt, tijdens de dramatische treinkaping. Scholing plaatste met gevaar voor eigen leven afluisterapparatuur in de trein en heeft na de dodelijke beëindiging van de kaping diverse Molukkers verhoord. Hij heeft het hele verhaal deze maand van zich afgeschreven in het uitgebreide en het hieronder gepubliceerde artikel 'Treinstel 747'.

Het verhaal eindigt met een oproep aan de Nederlandse overheid om excuses aan te bieden. 'Dat geeft een beter gevoel dan hooghartigheid', schrijft de gepensioneerde agent. Of de bloedige kaping en de gelijktijdige bezetting van de school in Bovensmilde er mee voorkomen hadden kunnen worden, durft Scholing niet te zeggen. 'Maar dat is nu hoe dan ook een gepasseerd station. Ik kan wel zeggen dat ik door de jaren heen genuanceerder over de dramatische gebeurtenissen na ben gaan denken, ik heb mij verdiept in de historie van de Molukkers en veel persoonlijke gesprekken met hen gevoerd.

Ik heb in gesprekken met de kapers laten weten wel te begrijpen waarom ze aandacht vroegen voor de Molukse zaak. Alleen de wijze waarop ze dat deden is ontoelaatbaar. Het heeft alleen maar verliezers opgeleverd.' 'Toch blijven de gebeurtenissen het nieuws beheersen en zijn we er nog niet klaar mee. Wij hebben de Molukkers die met ons mee vochten in Indonesië een eigen staat beloofd, maar konden dat uiteindelijk niet waarmaken en stopten ze in voormalige concentratiekampen. Wij hebben een verkeerde inschatting gemaakt en moeten daar eens 'sorry' voor zeggen. Ook al maakten Molukse jongeren op hun beurt in de jaren zeventig verkeerde keuzes voor hun ouders.'


Er schijnt weer een trein gekaapt te zijn

Dick Scholing vertelt:


“Moet je niet naar Assen toe?” vroeg de pompbediende van het tankstation nabij Coevorden destijds. “Waarom?” vroeg ik. “Er schijnt weer een trein gekaapt te zijn”, antwoordde de man. We hadden een mooi weekend doorgebracht op onze motor in de Belgische Ardennen en tegen het middaguur kwamen we weer in onze woonplaats in het Zuidoosten van Drenthe aan. Eenmaal thuis rinkelde de telefoon al en kreeg ik van een leidinggevende van de Recherchegroep van de Rijkspolitie, het verzoek zo snel mogelijk naar Assen te komen. Ik was als 28-jarige politieman nog maar een paar jaar werkzaam in Coevorden. Jaren daarvoor had ik mijn opleiding genoten bij de gemeentepolitie Rotterdam en nu werkzaam als rechercheur. Een paar uur later meldde ik mij op het districtsbureau in Assen en kreeg te horen wat er speelde in de provincie. “Wil je naar ‘de school’ of wil je naar ‘de trein’? Ik had dus nog keuze en besloot daarom maar voor ‘de trein’ te kiezen. Ik had daar meer gevoel bij. Het was maandag 23 mei 1977.


Telefoonverbinding

Het rechercheteam had zich in de loop van de middag verzameld in het gemeentehuis van Vries. Ik meldde mij ook bij hen en kreeg te horen dat die morgen vermoedelijk een aantal Zuid-Molukse jongeren een trein hadden gekaapt ter hoogte van golfbaan De Poll bij Glimmen. De trein was tot stilstand gebracht in een bocht richting Groningen. Veel meer informatie was er op dat moment niet. Er was nog geen contact geweest met wie dan ook in de gekaapte trein. De machinist had alarm kunnen slaan bij een boerderij in de omgeving van de trein. Hij en de conducteur waren door de kapers direct weggestuurd. Het 'treinteam' bestond hoofdzakelijk uit politiemensen, afkomstig uit de provincie Groningen. Later aangevuld met collega’s uit het land.

“Er moet een telefoonverbinding aangelegd worden van de golfbaan naar de trein. We hebben daarom 2 vrijwilligers nodig. Als je niet wilt hoeft het niet, het is vrijwillig”, vroeg destijds de commandant van de Recherchegroep. Ik hoefde er niet zo lang over na te denken. Ik wilde die klus wel op mij nemen. Ik zag voor mij zelf direct geen gevaar. Een politieman uit Bedum - die ik nog nooit eerder ontmoet had – dacht er net zo over. Het hele team verhuisde later in de middag naar het gebouw van de golfbaan De Poll, nabij Glimmen. We zouden daar 3 weken lang verblijven. Daarvoor waren we ook nog even te gast geweest in de boerderij van de familie S. in de Ydermade. Dit was vlak bij de gekaapte trein. Deze locatie was natuurlijk niet geschikt om een heel team langere tijd te huisvesten. Toch stelde deze familie hun keuken spontaan ter beschikking.



“PTT monteurs’

In de loop van de middag was er contact met de treinkapers geweest. Dit gebeurde met een megafoon. Er werd door de teamleiding aan de kapers gevraagd of men eten en drinken wilde en of ze ook een telefoon wilden hebben. De Molukkers gaven door middel van lichtsignalen te kennen dat men dat wel wilde en zo werden wij korte tijd later aangekondigd als zogenaamde ‘PTT-monteurs’ en daarvoor hadden we alleen een blauwe overall aangetrokken. Veel meer kleding konden we ook niet dragen omdat we verderop het water van “De Drentse Aa” moesten oversteken. Door de overvloedige regenval was dit beekje de afgelopen dagen een beek geworden van bijna 8 meter breed.

We kregen 2 zware haspels met draad en een veldtelefoon mee en zouden geruime tijd onderweg zijn. Eenmaal op pad begon het al schemerig te worden. We volgden de dijk langs het water, tot we bij een bocht kwamen die het dichtst bij de trein lag. Hier staken we het brede water over. Zowel de haspels als de slinger veldtelefoon moesten droog blijven (pas later zou ik begrijpen waarom). Het betekende gewoon dat we een aantal keren met de zware last heen en weer door het water moesten lopen en zwemmen. In het midden van de beek gingen we bijna kopje onder weet ik mij nog te herinneren. Uiteindelijk lagen alle spullen op de westelijke oever van de Drentse Aa en konden we onze tocht naar de trein vervolgen.


Eisen voor regering

Het land was nat en zompig. Af en toe rustten we wat uit, ook al omdat de spanning bij ons toch wel wat op begon te lopen. Dat kwam mede omdat we zagen dat er wapens uit een raam van de trein staken. Dit was tegen de afspraak in. We zaten even in dubio: “Wat te doen”. Omdat we toch al onder schot lagen besloten we om door te gaan. Gelukkig konden we verderop gebruik maken van een dam in de modderige spoorsloot en kwamen zo even later bij de gekaapte trein aan. Mijn Groningse collega overhandigde de veldtelefoon aan de Molukker M, en zei nog tegen hem: “Laat de telefoon niet vallen”. Zelf was ik ondertussen bezig met het afrollen van de kabelhaspels. Op het moment dat we terug wilden keren werden we door M, teruggeroepen: “Staan blijven, kom terug, ik heb nog wat voor je.” Mijn collega werd naar binnen geroepen via een geopende deur.

De bedoelingen van de kapers werden toen duidelijk. We kregen hun eisen mee, die bestemd waren voor de Nederlandse regering. Dat gaf bij ons natuurlijk een hele opluchting. We wisten toen dat ze ons zouden laten gaan. Het was nu zaak de haspels goed af te rollen en te zorgen dat de verbinding tot stand kon worden gebracht. Eenmaal terug bij de Drentse Aa, hebben we min of meer ‘genoten’ van de afloop. Ik kan mij nog herinneren dat we een heel stuk zwemmend hebben afgelegd. Pas tegen 23.00 uur waren we weer terug bij het gebouw van de golfbaan. Veel mensen stonden ons nog op te wachten, waaronder de CDK van de provincie Groningen. Hij feliciteerde ons met het bereikte resultaat. Dat deed ook de president directeur van de toenmalige NS.

Na een warme douche kwamen we weer een beetje op temperatuur. Een natte overall zit niet echt comfortabel. Ook voor mij was het een bijzondere en lange dag geworden. ’s Ochtends vroeg weggereden uit de Belgische Ardennen en ’s avonds sta je dan met een bijzondere opdracht bij een gekaapte trein. Wie had dat van tevoren gedacht?



Zwembroek

De woensdag er op ben ik nog een keer bij het water van de Drentse Aa geweest. Nu moest er een verbinding tot stand worden gebracht tussen de kapers in de trein en de bezetters van de school in Bovensmilde. Twee politiemensen uit Limburg zijn toen naar de trein gelopen, terwijl ik achter bleef op de westelijke oever van het water. Nu hadden we alleen een zwembroek of onderbroek aan. De trein was juist in de bocht ter hoogte van de golfbaan tot stilstand gebracht. Waarschijnlijk stond hierdoor de trein 8 – 10 graden scheef. Wat dit voor gevolgen had voor de inzittenden laat zich raden.


12 Uur op en 12 uur af

Er werd rekening gehouden met een dagenlang verblijf van het treinteam op de locatie van de golfbaan. Uiteindelijk had de treinkaping van 1975 bij Wijster ook langere tijd geduurd. Het hele team werd opgesplitst en ondergebracht in het vormingscentrum in Zeegse. Daar sliepen we en ontspanden ons. Het was 12 uur op en 12 uur af. Af en toe konden we naar huis, maar eigenlijk was het steeds paraat staan. Omdat alle dienstvoertuigen in gebruik waren, reisde ik in die periode met mijn eigen auto, Als we dan richting De Poll reden en we bij de spoorwegovergang in Glimmen kwamen, werden we opgewacht door collega’s die belast waren met beveiliging. Normaal gesproken werd je daar niet doorgelaten. Op de overweg stond een hele batterij aan journalisten, cameramensen en fotografen. Ze keken dan met gemengde gevoelens naar ons en mijn VW Kever, maar wij waren natuurlijk in het bezit van de juiste pasjes. Ik heb ze nog.


Afluisterapparatuur

Ieder lid van het treinteam had een taak. Zelf werd ik ingedeeld bij een afdeling die belast was met het verkrijgen van informatie vanuit de trein. Hier werd mij duidelijk waarom de veldtelefoon niet nat mocht worden tijdens het transport naar de trein. Er was afluisterapparatuur in aangebracht. Zo konden we – met voor die tijd toch wel geavanceerde apparatuur - alle gesprekken volgen die de treinkapers hadden met mensen van het beleidscentrum. Daarnaast hoorden we allerlei geluiden en stemmen. Het was lastig deze geluiden te onderscheiden. Met behulp van aanwezige tolken werd het Maleis van de treinkapers voor ons vertaald. Al deze gesprekken werden door ons getypt in een doorlopend journaal. Dit was natuurlijk belangrijke informatie voor het beleidscentrum. Vanwege onze werkzaamheden waren we goed op de hoogte van de gebeurtenissen in de trein en de school. Tijdens de gehele kaping ben ik hier steeds mee bezig geweest.

Het was hartje zomer en we zaten natuurlijk ook wel eens buiten in de zon. Uit het zicht van de gekaapte trein door bossage. In deze bosjes stonden ook een aantal camera’s opgesteld met grote telelenzen. Via deze camera’s kwam ik later in het bezit van een aantal bijzondere foto’s van de trein. Op een van die dagen vlogen ons plotseling kogels om de oren, die uit de richting van de trein kwamen. We hebben die weken nooit meer op dezelfde plaats gezeten.



Geen vreedzame mogelijkheden

De kaping duurde lang en meer en meer liep de spanning in alle geledingen op. Het beleidscentrum had bij monde van een aantal deskundigen (psychiaters) regelmatig contact met de leider van de Molukse kapers en met een medische studente. Vaak was het psychologische oorlogvoering en maar al te vaak zat het overleg muurvast. Sommige gesprekken werden door de kapers op hun beurt ook opgenomen op een cassetterecorder. Later kwamen er bemiddelaars naar de trein, maar ook dat gaf weinig hoop op een goede afloop. Het leek ook of de Nederlandse overheid geen mogelijkheden zag om de kaping vreedzaam te beëindigen. Soms werd de indruk kennelijk gewekt dat de overheid overstag ging en dat er een einde aan de kaping en bezetting zou komen. Dat frustreerde menigeen. Ook in de trein was dat voelbaar, waarna de sfeer er alleen maar op achteruit ging en kapers steeds nerveuzer werden en passagiers angstiger.

Tijdens de gehele kaping zijn er tal van gebeurtenissen geweest die als bekend mogen worden verondersteld. De kaping en de bezetting van de school hield het nieuws wereldwijd alle dagen in zijn greep. Alle gebeurtenissen werden breed uitgemeten in de media. Van al deze artikelen heb ik later een plakboek samengesteld met foto’s tekeningen etc.


De aanval

Het gonsde de laatste dagen van de kaping van geruchten. Er werd gespeculeerd van een op handen zijnde beëindiging van de treinkaping. Het was ook net of iedereen er een beetje aan toe was. Niets leek te helpen om alles vreedzaam op te lossen. Men was het tijdrekken zat. En dan komt er een moment dat je ook bij zelf het gevoel waarneemt dat je wilt dat het afgelopen is. Na 20 dagen bezetting lijkt het dan genoeg geweest. Er is al veel te veel leed veroorzaakt bij mensen die part noch deel hebben gehad aan de doelstellingen van de Molukse jongeren. De harde opstelling van de verantwoordelijke minister van Justitie leek een vervolg te krijgen. Dat gebeurde op zaterdagmorgen 11 juni in alle vroegte. De hele actie was tot in detail van te voren uitgewerkt zodat iedereen wist wat hem te doen stond, op het moment wanneer dat nodig zou zijn.

Zelf werden we halverwege de nacht gewekt. Het was zover en een gevoel van opkomende spanning maakte zich van ons meester. Wat zou er gaan gebeuren en hoe zou het aflopen? Zelf was ik ingedeeld in een ploeg voor opvang van de treinpassagiers. Wij moesten ons verzamelen bij de boerderij van de fam. S. in de Ydermade. We stonden in een van de schuren op ca. 400 – 500 meter vanaf de trein. Eenmaal op de plek van bestemming was het wachten geblazen en werden de consignes nog eens doorgenomen.

…toen barstte de hel los…

Vanuit de schuur met het zicht op de trein keken we steeds in noordoostelijke richting. Daar moest het vandaan komen, maar het bleef nog lange tijd stil. De natuur was bezig te ontwaken, de vogels deden dat ook. Bizar eigenlijk als je wist wat er stond te gebeuren. We zagen de vliegtuigen aankomen, nog voordat we ze hoorden. Ze vlogen veel lager dan verwacht en scheerden vlak over de bossen van Appelbergen. De piloten trokken vervolgens hun Starfigthers omhoog trokken gebruikten de naverbranders voor extra stuwkracht. Dat ging gepaard met een oorverdovend lawaai. Toen barstte de hel los. Nooit zal ik vergeten wat zich toen voor onze ogen afspeelde. Het valt nauwelijks te omschrijven. In groepjes van twee kwamen de zes Starfighters drie keer over de trein heen. Door de enorme herrie werd gehoopt dat de inzittenden van de trein zoveel mogelijk op de grond van de trein zouden gaan liggen.

Korte tijd later hoorden we repeterend geweervuur. Dat duurde voor mijn gevoel heel lang. Daarna bleef het een hele tijd stil, alsof er niets was gebeurd. Vervolgens ging het snel. De trein werd bestormd door leden van de Bijzondere Bijstand Eenheid en militairen. Geschreeuw over en weer en toen werd het weer stil. De aanval was voorbij. De kapers waren overmeesterd en de passagiers konden worden bevrijd. Bij de aanval kwamen door geweervuur 6 treinkapers en 2 treinpassagiers om het leven. Alle overige passagiers werden naar de eerder genoemde boerderij gebracht en na een eerste medische opvang van daaruit naar het Academisch Ziekenhuis in Groningen gebracht. De overige treinkapers werden ter plaatse aangehouden en geboeid afgevoerd.


Links op de foto: Dirk Scholing


Treinstel 747

Treinstel 747 werd als PD (plaats delict) aangemerkt. Dat betekende dat door de technische recherche een voorlopig onderzoek werd uitgevoerd, waarbij zo veel mogelijk alles fotografisch en op video werd vastgelegd. In een later stadium zou een nauwkeuriger onderzoek naar bruikbare sporen en bewijsmateriaal plaatsvinden. Dat tweede onderzoek zou op een geheel andere locatie plaatsvinden en daartoe moest het treinstel worden afgesleept naar Zwolle. Natuurlijk moest de trein tijdens dit transport bewaakt worden en de leiding van het team had besloten dat mijn Groningse collega en ik dat maar moesten doen. Dat wilden we wel. Het treinstel werd eerst in noordelijke richting weggesleept tot aan het rangeer emplacement van Onnen. Daar moest gewacht worden tot het onderzoek op de plaats waar de trein bijna 3 weken lang had gestaan, afgerond was. Hierna begon een enerverende tocht.

Natuurlijk hebben wij eenmaal in de trein om ons heen gekeken. Wat zal ik er van zeggen? Je staat op dat moment in een ruimte waar wekenlang een groot aantal mensen gegijzeld zijn geweest, beroofd zijn geweest van hun vrijheid. Wakker hebben gelegen, hebben gehuild, angsten hebben gekend, bang zijn geweest en hoop hebben gehad. Je staat in een ruimte waar kort daarvoor mensen zijn gedood of gewond zijn geraakt. Je staat in een ruimte waar de stank adembenemend was. Dat alles raakte me.


Andere spoor

De tocht ging nu over het andere spoor richting Assen en kwam dus weer langs de plaats van de treinkaping. We bevonden ons in het achterste compartiment en hielden door de geopende ramen de omgeving in de gaten. Het was ondertussen bekend geworden dat de trein – die zo lang het wereldnieuws had beheerd – afgesleept zou worden richting Zwolle. Het gevolg was dat bij de meeste spoorweg overgangen en op alle stations heel veel mensen stonden te wachten tot de trein voorbij kwam. Ik had met een collega afgesproken dat hij mijn persoonlijke spullen mee zou nemen vanuit ons slaapvertrek in Zeegse. Vlak voor de spoorweg overgang in Tynaarlo stond hij met mijn spullen te wachten tot de trein arriveerde. Met de machinist was afgesproken daar even om die reden te stoppen. En aldus geschiedde.

Vaak als ik nu de overgang passeer denk ik aan dat moment. Op de grote stations stonden duizenden mensen. In Hoogeveen hebben we nog een tijdje stilgestaan. Tussen Hoogeveen en Meppel heb ik ‘op de bok’ van de locomotief gezeten. Ook in Meppel stonden veel inwoners bij het station, die allemaal nieuwsgierig waren naar de trein. Ter hoogte van Staphorst fietsten veel in kledingdracht gestoken jongelui een heel stuk met de trein mee. En zo ging het maar door tot aan Zwolle. Daar eindigde voorlopig de reis van treinstel 747.


Verhoren

Eenmaal thuis was het voor ons als rechercheurs allerminst afgelopen. ’s Maandags na het beëindigen van de kaping en de bezetting van de school, werden wij als teams ingezet voor het verdere onderzoek van de gebeurtenissen. Wekenlang hebben we vanuit de BB-bunker in Assen Oost gewerkt. De aangehouden treinkapers werden bij proces verbaal vele malen door de teamleden gehoord. Zelf heb ik dat ook een aantal keren mogen doen. Alle treinpassagiers werden door ons thuis bezocht. Al hun getuigenissen werden bij het opgemaakte proces-verbaal gevoegd. Soms waren de getuigenissen schrijnend door het ondergane leed en boosheid over de werkwijze van de overheid. Ook bij ons kwam hierdoor veel op het netvlies. Door al die getuigenissen werd er een beeld gekregen hoe de kaping op zich al die dagen was verlopen.

Een van de getuigen had vanuit de trein een aantal keren met een stuk folie en later met een spiegeltje zitten seinen. Dit had hij bij de PTT geleerd. Omdat er na zijn oproep dat ze het koud hadden, de volgende dag dekens werden gebracht, was hij in de veronderstelling dat zijn bericht door was gekomen. In werkelijkheid was dit niet zo. Ook niet de namen van alle kapers en speciale groeten aan zijn jarige familielid. Een aantal inzittenden had vaak genoeg met elkaar gesproken om te ontsnappen. Toch lieten ze dat knagende idee varen, omdat ze bang waren voor represailles tegen de andere passagiers. Een aantal passagiers had ook iets van een dagboek bijgehouden met daarin natuurlijk hele actuele informatie.

Ook een van de kapers had dat gedaan. Te lezen valt onder andere, hoe teleurgesteld en gedeprimeerd ze raakten over de weigering van de Nederlandse overheid hun eisen van een vrije aftocht in te willigen. Uit al die verklaringen blijkt ook hoe sommige passagiers, ondanks hun eigen angsten toch door hun bereidheid andere te helpen of te troosten, boven zichzelf uit stegen.


Reconstructie

Treinstel 747 werd later verplaatst naar de NS werkplaats in Haarlem. Daar werd de hele aanval op de trein gereconstrueerd. Nu fungeerden wij als passagiers. Het was een bijzondere ervaring. Op mijn plakboek prijkt een sticker uit de trein ‘Treinstel 747’ Nog heel lang heb ik uitgekeken naar deze trein met dit nummer, maar altijd was het tevergeefs. Later heb ik begrepen dat het wel weer in gebruik was genomen, maar alleen een ander nummer had gekregen. Maar goed dat ik het originele nummer heb veiliggesteld. Ook bij de latere rechtszaak in Assen ben ik aanwezig geweest. Tijdens de behandeling van de rechtszaak was de beveiliging ongekend hoog. Alleen een zeer select gezelschap mocht na uitvoerige visitatie naar binnen.

Ik herinner me nog een incident tijdens het verhoor van een van de treinkapers. De rechtbankpresident vroeg de verdachte naar de herkenbaarheid van de wapens, zoals die gebruikt waren bij de treinkaping. De wapens waren op een bord geplaatst achter de rechtbankpresident. Naast het bord hing de beeltenis van Koningin Juliana. De kaper herkende de wapens en zei daarbij: “Ze staan goed gericht”. De president van de rechtbank begreep onmiddellijk de strekking van deze opmerking en viel in woede uit naar de kaper: “U kunt niet alles zeggen in deze rechtbank.”


Dutch Approach

25 Jaar na de treinkaping bij De Punt heb ik mee mogen werken aan de televisiedocumentaire ‘The Dutch Approach’. Met de documentairemakers liep ik naar de plek waar we destijds de Drentse Aa overstaken. Ook was ik met hen op de plek langs de spoorbaan. In een portaal troffen we nog een aantal kogelgaten aan. Ik was bij de première van de documentaire in Utrecht aanwezig, samen met vertegenwoordigers van de Nederlandse overheid, Molukse regering in ballingschap, Openbaar Ministerie en Justitie. Wat mij bij is gebleven dat de sfeer opvallend goed was. Iedereen praatte met iedereen. Een aantal keren ben ik benaderd door een aantal scholieren en heb op hun verzoek medewerking verleend aan een interview over de treinkaping. Een gebeurtenis waar ze dan vervolgens een spreekbeurt over hielden of een werkstuk over maakten.



Waarom?

Waarom dit verhaal? De gebeurtenissen van 1977 zijn geschiedenis geworden. Ook voor mij. Door de jaren heen ben ik er genuanceerder over gaan denken. Hoe zijn de Molukkers toch in het koude kikkerlandje terecht gekomen? Daarom heb ik veel gelezen over hun historie, met mensen uit de Molukse gemeenschap gepraat en ook bij de politie met hen samengewerkt, bij hun thuis geweest en persoonlijke gesprekken gevoerd. Tijdens de gesprekken met de treinkapers heb ik ze laten weten wel te begrijpen waarom ze aandacht vroegen voor de Molukse zaak, alleen de wijze waarop is ontoelaatbaar.

Talloze herdenkingen zijn er geweest, ieder jaar weer. De pijn en het verdriet hebben bij alle nabestaanden littekens veroorzaakt. Veel is er gezegd en geschreven over de acties, documentaires over gemaakt en films. Op internet kun je alles lezen over de gebeurtenissen. En eigenlijk is er mijn inziens maar een conclusie: het heeft bar weinig opgeleverd. Alleen maar verliezers. Desondanks staan de gebeurtenissen van toen - tot op de dag van vandaag - nog steeds in het nieuws. Hoe komt dat toch? Komen er antwoorden op de vragen die kennelijk nog onduidelijk zijn? Ik ben bang van niet. Zal het ooit duidelijk worden of de aanval op de gekaapte trein bij De Punt op een andere wijze beëindigd had kunnen worden? Waren bijvoorbeeld de onderhandelaars deskundig genoeg om een goede inschatting te maken van de bedoelingen van de kapers? Het is een gepasseerd station, je krijgt er geen antwoord meer op. Ook niet op de vraag of de treinkaping en de schoolbezetting op zich voorkomen had kunnen worden.

Of toch wel?

Om dat te begrijpen moet je de geschiedenis kennen van de Molukkers en die is bekend. Hoe ze destijds naar Nederland zijn gehaald vanwege een conflict met Indonesië, maar dat het 'tijdelijk' zou zijn. Weggestopt nota bene in voormalige concentratiekampen, omdat het 'tijdelijk' zou zijn. Desondanks is daar toch een generatie in opgegroeid en die generatie stond op enig moment op het NS station in Assen. Zij maakten toen een keuze voor hun ouders. Een verkeerde keuze.

Maar tot op de dag van vandaag heeft de Nederlandse overheid bij monde van de verantwoordelijke minister nimmer een excuus over hun handelswijze aangeboden aan de Molukse samenleving. Nog nooit zijn er woorden uitgesproken van "Sorry Molukse samenleving, wij hebben het niet goed gedaan, wij hebben een verkeerde inschatting gemaakt, excuses daarvoor." Excuses kun je altijd nog maken, vandaag, maar ook morgen. Dat geeft vaak een beter gevoel. Beter dan hooghartigheid.


Met dank aan Dick Scholing voor het verlenen van toestemming om zijn indringende verhaal op deze website te mogen plaatsen.






© 2006-2009 www.mijn-eigen-website.nl